donderdag 11 oktober 2018

Colombia deel 1

Dit is het verslag van de eerste van drie reizen die we in Colombia hebben gepland. Deze eerste reis gaat naar het bergplaatsje Minca. Dit plaatsje ligt, met een auto, op ongeveer 45 minuten rijden van Santa Marta op een hoogte van ca. 600 m.
De natuur in de bergen is prachtig om te zien
Het plaatsje is bij backpackers vooral bekend vanwege de mooie natuur, de vele watervallen, de mooie wandelingen en de vele goedkope onderkomens en restaurants. We hebben met z’n zessen, via Internet, een hostel geboekt. Kelly, de dame bij de receptie van de jachthaven, heeft voor ons een taxi gereserveerd, die ons om 09:00 uur komt afhalen. Als wij ’s-morgens buiten het hek van de jachthaven staan te wachten, komen er twee taxi’s aanrijden. Blijkbaar is het niet helemaal goed begrepen of heeft dit taxibedrijf geen taxi waarmee we met z’n zessen gezamenlijk vervoerd kunnen worden. Zodra de beide taxi’s vertrekken zijn we elkaar binnen een paar minuten kwijt. Onze taxichauffeur rijdt namelijk alsof hij Max Verstappen zelf is. Pas als we het plaatsje Minca binnen rijden stopt de dollemansrit. In Minca is het druk, heel druk zelfs. Er rijden hier veel lichte motoren en brommers die dienstdoen als taxi. Je geeft op waar je naar toe wilt, spreekt een prijs af en stapt achterop. Zo kunnen ze je overal naar toe rijden. Wij hebben er deze reis geen gebruik van gemaakt. De weg vanaf het plaatsje Minca naar ons hostel, El Eden, is onverhard en zit vol met kuilen en bulten. Ons hostel ligt verder omhoog de bergen in op een hoogte van ca 800 m. De weg is op sommige punten zo steil dat we eenmaal moeten uitstappen omdat we met z’n drieën de auto verder omhoog moeten duwen aangezien de motor de steile helling niet trekt. Zodra we zijn aangekomen bij ons hostel, blijkt dat we een zeer steil bergpaadje met traptreden omhoog moeten lopen voordat we bij het hostel zelf zijn. De dames zijn er nog niet.
Het paadje naar de waterval toe
Achteraf blijkt dat hun chauffeur een stuk rustiger reed. Als we goed kijken zien we dat er een tweede paadje naar de weg loopt, welke minder stijl is. Zo kan Sonja ook naar boven lopen, zonder dat ze keer op keer moet rusten. Nadat we allemaal boven zijn aangekomen, is het eerste wat opvalt de temperatuur en de luchtvochtigheid. De temperatuur is lager dan in Santa Marta, zo’n 24
°C, waarbij we echter wel een zeer hoge luchtvochtigheid hebben. Wel een stuk aangenamer dan in Santa Marta. Zodra we hebben kennis gemaakt met de eigenaren en onze kamers hebben betrokken, besluiten we de middag te gebruiken voor een wandeling naar Pozo Azul, een mooie waterval waar je tevens kunt zwemmen.
De Pozo Azul waterval met het meertje waarin we hebben gezwommen
Sonja blijft achter in het hostel omdat de wandelingen voor haar te zwaar zijn. Naar beneden gaat wel maar naar boven is het te ver en te veel. Vanaf het hostel is het circa 2 km bergopwaarts tot aan de waterval. De wandeling is eenvoudig en gaat over een onverharde weg. Alleen de laatste paar honderd meter volgen we een smal paadje. Het is warm en we zweten als een otter. Eenmaal aangekomen bij de waterval zijn we dan ook binnen de kortste keren uit de kleren en liggen we in het koele water. Dit is weer eens wat anders dan het warme zeewater van 29
°. Nadat we hebben gezwommen en ons weer hebben aangekleed, lopen we terug. Onderweg zien we bij een afslag een bordje staan met een verwijzing naar een plek waar je wat zou kunnen drinken.
Het huisje waar we genoten van een sapje en de rust
We besluiten deze afslag te nemen en te zien waar deze weg ons naartoe voert. Als de weg stopt en overgaat in een bergpaadje, staat er een boordje dat het nog maar een paar minuten lopen is. Het paadje komt langs een huisje waar een vrouw uit Bogota alleen woont. Ze is heel creatief en maakt van natuurlijke materialen van alle soorten voorwerpen, waaronder oorbellen. Op de vraag of dat we wat kunnen drinken, wordt bevestigend geantwoord. Vijf minuten later staan er vijf glazen vers uitgeperst sap voor ons op tafel. We genieten een tijdje van de rust en van ons drinken. Na te hebben betaald lopen we terug naar ons hostel. Hier rusten we wat uit in de aanwezige hangmatten.
Barbecueën, Diederik en ik delen samen een schotel 
Voor het diner lopen we, met z’n zessen, vanaf het hostel nog wat verder naar beneden. Dit was ook voor Sonja goed te doen. Hier staat langs de weg een eenvoudig grilrestaurant, Asedero Camarita, waar vooral kip en vlees op de barbecue wordt bereid. Het eten is eenvoudig maar smaakt voortreffelijk. Bij het afrekenen was er opnieuw een verrassing, met z’n tweeën hebben we voor Pso 30.000 gegeten (€ 8,50). Om terug te komen, vragen we aan een van de gasten die een auto heeft, of dat hij Sonja en mij wil terugbrengen naar het begin van het bergpaadje naar het hostel. Hij vindt het geen enkel probleem en zo staan we vijf minuten later met z’n tweeën onder aan het paadje te wachten op de anderen. De eerste dag is voorbij, een dag met heel veel nieuwe indrukken.
Onze vriend Wijnand, onderweg over het steile pad naar de waterval
De volgende morgen krijgen we een eenvoudig ontbijt met fruit, een sapje, koffie, thee, gebakken eieren en jam. Een goede start van de dag. Vandaag maken we een iets grotere wandeling naar de Cascades de Marinka 1, heen en terug bijna 12 km lopen. Sonja blijft opnieuw achter met haar IPad zodat ze in ieder geval via Netflix haar serie kan kijken. De route is een beetje hetzelfde als gisteren, je loopt over een onverharde weg, waarbij de laatste paar honderd meter een paadje wordt gevolgd tot bij de waterval. Bij het begin van het paadje staat een partytent, waar de chauffeurs van de lichte motoren gezamenlijk wachten op klandizie.
Douchen onder de waterval
Tot hier kun je dus worden gebracht, iets wat best wel veel mensen doen. Aan het einde van het paadje staat een restaurantje waar je moet betalen om naar de watervallen te kunnen afdalen. Het water is heerlijk en je kunt hier onder de waterval gaan zitten, heerlijk om even af te koelen. Als we ons hebben aangekleed, begint het te druppelen. We lopen snel naar het restaurantje om te schuilen. Aangezien het er voorlopig niet naar uitziet dat de regen stopt, besluiten we hier wat te eten en te drinken.  Zodra het ergste voorbij is, trekken we de regenkleding aan en gaan we op pad. We zien mensen zich ook uitkleden, waarbij ze alleen hun zwemkleding aanhouden, en zo door de regen lopen. Het is er warm genoeg voor. Zo wandelen we gezamenlijk naar beneden.
Het regent pijpenstelen
Op de heenweg waren we een klein riviertje overgestoken door van kei naar kei te lopen. Door de regenval zijn de keien echter niet meer zichtbaar. Na wat overleg komen we tot een simpele oplossing, aangezien we toch al nat zijn lopen we met onze schoenen door de rivier. Zo lopen we met natte voeten verder naar beneden. Eenmaal aangekomen in het plaatsje Minca, drinken we koffie en thee en kopen we twee flessen rode wijn en een grote gegrilde kip. Heerlijk voor bij de borrel. Bij het hostel aangekomen kleden we ons snel om. Alle natte kleding wordt opgehangen zodat deze kan drogen. We borrelen met bier, wijn en gegrilde kip en rusten uit in de hangmatten.
Even uitrusten na een vermoeiende dag
Hoe slecht is het leven voor ons. ’s-Avonds dalen we weer af naar de weg, waarbij onze keus dit keer is gevallen op een restaurantje dat pizza’s serveert. Dit restaurantje is direct tegenover de start van het bergpaadje. De keuze is hierop gevallen zodat Sonja niet naar boven of beneden behoeft te lopen. Nadat we allemaal wat te drinken hebben gekregen, is het wachten op de pizza’s. We hadden er drie besteld omdat de pizza’s, volgens het meisje van de bediening, nogal groot zijn. Zo kunnen we de drie verschillende pizza’s met elkaar delen. We zijn blij dat we dit gedaan hebben, de pizza’s zijn namelijk niet te eten, de bodem is niet gaar en de ingrediënten zijn ver te zoeken. Toen nog maar wat tosti’s besteld, wat kan daar nu in hemelsnaam fout mee gaan. Ook deze zijn van een veel mindere kwaliteit. Jammer, de bediening is leuk en aardig, het eten echter verdient geen voldoende.
De start van een prachtige wandeling
Terug in het hostel hebben we de tweede fles wijn opengetrokken en speelde we een spelletje klaverjas. Iedereen lag op tijd op bed. Nadat we de volgende morgen hebben afgerekend met het hostel, Pso 277.000 (€ 78,00) per koppel voor 2 nachten met ontbijt, dalen we af naar de weg voor de taxi. Dit keer hebben we echter een taxi besteld waarmee we wel gezamenlijk naar Santa Marta kunnen terugrijden. Zo zijn we voor Pso 27.000 per koppel (€ 7,50) terug bij onze boten. De eerste van drie reizen is hiermee ten einde. Dit was een korte reis, echter wel één die ons inzicht heeft gegeven in het prijsniveau van het land, de manier van reizen, de vriendelijke mensen en de prachtige natuur. We verheugen ons op de volgende reis.

dinsdag 25 september 2018

Naar Colombia dag 3

Gedurende de nacht is de wind mooi constant, totdat de windvaan ons ineens pal noord doet varen. Er blijkt een kleine depressie over ons heen te komen. Ik was al van plan om te gijpen zodra Sonja wakker zou worden. Helaas moet ik haar nu wakker maken om te gijpen. Gezamenlijk gijpen we de zeilen en stellen de windvaan weer in voor de nieuwe koers. Nadat we gegijpt hebben, gaat Sonja weer naar bed. Ik besluit haar maar te laten slapen en zelf niet meer naar bed te gaan. Door het verplaatsen van de kleine depressie draait de wind steeds verder naar de hoek van waaruit hij eerder die nacht kwam. Ik ben continu bezig de windvaan en de zeilen aan te passen. Bij het vroege ochtendlicht zie ik Colombia aan de horizon verschijnen. De wind is verder toegenomen en tikt nu met enige regelmaat de 30 kn aan. Later die dag blijkt dat we kortstondig 37 kn wind hebben gehad.
Zicht op Santa Marta en de jachthaven
De Ikinoo zeilt uitstekend onder deze condities, waarbij de windvaan haar prima op koers houdt. Zo zet de Ikinoo een eindspurt in richting de haven van Santa Marta.
Zodra we echter het eiland Isla de la Aguja voorbij zijn, is het ineens gedaan met de wind. Er blijft 3-4 kn wind over. We halen de zeilen weg en starten de motor. Zo’n 2,5 nm voor ons zeilt de Zwerver, die wij via de marifoon de Port Controle van Santa Marta horen aanroepen.
Terugblik naar Isla  de la Aguja bij 3 kn wind
Als wij ons ook gemeld hebben bij de haven autoriteiten en alle formaliteiten per marifoon zijn afgehandeld, melden wij ons via VHF kanaal 72 bij de marina. Daar blijken zij al op ons te wachten. Men helpt ons bij het aanleggen, waarna de beide mannen zich aan ons voorstellen. Omdat we nog al vroeg zijn is het havenkantoor nog dicht. Zo is deze mooie zeiltocht ten einde.









Positie  : 11°14.497’N 074°13.067’W
Log         : 12.328 nm (50 nm, het log wijkt 8% af)
Motor   : 3.128,9
Tijd        : 12:45 UTC (07:45 uur LT Colombia)
Voor de statistieken:

Gezeilde afstand             : 284 nm
Aantal motoruren           : 3,0 uur
Reisduur                             : 1 dag en 21,5 uur
Gemiddelde snelheid    : 6,2 nm

Naar Colombia dag 2


Gedurende de rest van de nacht is de wind mooi constant. Beide draaien we onze wachten. We zitten nog niet goed in ons ritme, iets wat elke eerste nacht niet echt lukt. Gelukkig is de wind ons gunstig gezind en varen we met een gemiddelde van 5,0 kn door de nacht. Gedurende de ochtend wordt, door het krimpen van de wind, onze koers steeds iets zuidelijker. We volgen op gepaste afstand de kustlijn. We blijven daarbij minimaal 10 nm uit de kust. Wel zo rustig als je op de windvaan vaart. Doordat de wind is toegenomen varen we overdag met een gemiddelde van ruim 7,0 kn.
We hebben geen zin om te vissen, dus de hengel blijft in de standaard. Rond 14:00 uur LT Aruba, gijpen we opnieuw en verleggen onze koers meer naar het westen. Dan ineens zie ik grote dolfijnen naar ons toekomen. Ik roep Sonja en wijs naar de richting van waaruit ze komen. Het zijn prachtige dieren die wel zin hebben om met onze boot te spelen. Door de hoge golven zien we ze in de golven naar ons toekomen, waarna ze onder de boot doo zwemmen en vervolgens voor de boot de meest mooie capriolen maken.
Ze blijven zeker twee uur met ons meezwemmen. Geweldig om dit weer mee te mogen maken. Het lukt mij om een aantal prachtige foto’s te maken. Het avondeten bestaat vandaag uit een koude vleessalade met brood, heerlijk ligt verteerbaar. Met enige regelmaat hebben we via de marifoon contact met de Zwerver en heel af en toe met de Ocean Goose. Voordat het donker wordt, besluiten we het 2e rif erin te zetten. Zo varen we behouden de nacht in en kunnen we eventuele toename van de wind goed aan. Direct na het eten doe ik een kort slaapje van een uur, waarna de wachtdienst ingaat. Zo varen we rustig de nacht in,  met 2 riffen in het grootzeil en de yankee vol bij.

Positie  : 11°37.056’N 073°32.908’W
Log         : 12.284 nm (134 nm, het log wijkt 8% af)
Motor   : 3.127,3
Tijd        : 04:00 UTC (00:00 uur LT)

Naar Colombia dag 1


Vandaag starten we onze korte overtocht naar Santa Marta In Colombia, een afstand van 271 nm als je het rechtstreeks kunt varen. In de praktijk is dat een utopie. Maar voor die tijd moeten we eerst uitklaren uit Aruba, waarbij het van het grootste belang is dat je heel duidelijk op je papieren laat vermelden dat je volgende haven Santa Marta in Colombia is. Dit ter voorkoming van moeilijkheden bij het inklaren in Santa Marta. Zodra we anker op zijn, varen we met drie boten naar de kade in Oranjestad. Omdat we ons gemeld hebben via de marifoon, staat de Douane en de Customs ons reeds op te wachten. Snel maken we met hen de papieren in orde. Om 10:30 kunnen we losgooien van de kade. Direct hijsen we de zeilen en al spoedig wordt de motor uitgeschakeld. We hebben 1 rif in het grootzeil en de yankee vol bij. Nadat ook de windvaan is ingesteld, kan ook de stuurautomaat worden uitgeschakeld. Rust aan boord. We hebben besloten om samen met de Zwerver het eerste gedeelte voor de wind af te kruizen, zodat we geen spinakerboom nodig hebben. Al snel neemt de wind verder toe, zodat we met een mooie 7,0 kn in de goede richting gaan. ’s-Middags om 15:00 uur LT gijpen we en zetten koers richting de eilandengroep De Los Monjes. Deze laten we aan het begin van de avond zuidelijk van ons liggen. Via de marifoon hebben we nog contact met de Zwerver en de Ocean Goose. Deze laatste heeft voor de directe koers gekozen en ligt nu circa 10 nm achter ons. De Zwerver ligt een paar mijl voor ons, we zien hem nog steeds voor ons. ’s-Nachts om 00:00 uur LT (Aruba) varen we 13 nm noordelijk van Punta Gallinas. We gijpen en wijzigen onze koers naar het zuidoosten. Het wordt tijd dat Sonja mijn wacht overneemt zodat ik drie uur kan gaan slapen. Dit is het einde van een heerlijke zeildag.

Positie  : 12°40.735’N 071°40.984’W
Log         : 12.161 nm (100 nm, het log wijkt 8% af)
Motor   : 3.127,3
Tijd        : 04:00 UTC (00:00 uur LT)

Aruba

De tocht van Curaçao naar Aruba hebben we over twee dagen verdeeld. De totale afstand vanaf de Curaçao Marine naar de ankerplaats nabij Oranjestad op Aruba is 80 nm. Net iets te ver om dat in één dag bij daglicht te zeilen. Zo verlaten wij ’s-morgens om 10:30 uur de marina en zetten koers naar de Koningin Emma brug. Zodra de brug voor ons is open gedraaid, zetten we de yankee vol bij, schakelen de motor uit en zetten we koers naar de baai bij Santa Cruz op Curaçao. Zo alleen op de Yankee zeilen we, met z’n drieën, rustig bij een windje van 14-20 kn naar het noord-oosten. Om 15:30 uur ligt het anker al weer in de grond, nadat de eerste poging mislukte doordat de zandbodem vol ligt met keien. Als ik het water in duik om het anker te controleren, zie ik dat het
Onderweg naar Aruba
anker vastzit achter een rotsblok. Ik geef Sonja opdracht de motor te starten, deze in zijn achteruit te zetten en langzaam het toerental op te voeren. Nadat het anker nog drie meter krabt, graaft het zich goed in op de zanderige bodem. Klaar, tijd om te snorkelen en een ankerbiertje te drinken. We maken het die avond niet laat.   De volgende morgen gaat om 06:00 uur de wekker al. We ontbijten snel, maken de Ikinoo zeilklaar, de windvaan wordt in gereedheid gebracht en om 07:00 uur varen we weg van onze ankerplek. Direct staat er al een lekker windje zodat de motor uit kan.
Mooie snelheid richting ons doel op Aruba
De windvaan wordt ingesteld en de stuurautomaat wordt uitgeschakeld. Wat een rust brengt dat elke keer weer aan boord. Tijd om de hengel uit te gooien. Als ik enige uren later met de spinakerboom van de yankee bezig ben, begint de molen te ratelen, we hebben beet. Helaas heb ik even geen tijd, ik sta nog steeds op het voordek. Sonja draait ondertussen de rem wat vaster zodat de vis sneller moe wordt en de lijn niet te ver uitloopt. Zodra de spinakerboom goed is gezet, ga ik het gevecht met de vis aan. Helaas, dit keer was de vis te sterk voor mij. Na een gevecht van meer dan een kwartier, wint de vis en komt los van de haak, jammer. Ondertussen neemt de wind steeds verder toe. De verwachting is dat deze verder oploopt tot 28 kn. Omdat het tijd wordt om te gijpen en de koers zo aan te passen dat we bij Oranjestad uitkomen, loop ik naar voren en vervang de yankee op de spinakerboom voor de kotterfok op de spinakerboom. Zo varen we iets comfortabeler maar nog steeds even snel.
Een prachtige vette geelvintonijn, nu allen nog even fileren
Dan, terwijl we Aruba naderen, begint de molen opnieuw te ratelen. Ik sla aan en begin het gevecht met de vis. Dit is een hele sterke vis die blijft vechten, het is constant een geven en nemen van de lijn. Eindelijk, na meer dan 30 minuten worstelen, ligt er een mooie geelvintonijn in de kuip. Dat wordt weer smullen met z’n allen. Omdat we druk bezig waren met onze vis, zijn we wat te ver doorgevaren. Hierdoor is de Zwerver ons voorbij gestoken. Op de marifoon horen we even later de Zwerver de port control van Oranjestad oproepen. Deze stuurt de Zwerver terug naar de Barcadera haven omdat zij zelf te druk bezig zijn met een cruiseschip. Zodra we dat horen, gaan wij snel overstag. Wij zijn zelf namelijk net 2 nm voorbij de Barcadera haven. Bij het oproepen van de havenautoriteiten, krijg ik echter maar niet duidelijk waar we moeten gaan aanleggen. Ja tegen die autobanden langs de kade. Enig idee waar? Ik zie niets anders dan autobanden.
De Ocean Goose onderweg naar Aruba
Dan besluiten we de Ikinoo langs de kade te leggen, zo’n 100 meter voor een containerschip. De Ocean Goose komt langszij en de Zwerver meert voor ons af. Maar ja, waar gaan we nu inklaren. Dat probleem wordt binnen een minuut door de port security opgelost. Zij sommeren ons op een andere plek te gaan liggen, maar op die plek is helaas geen plaats. Met de auto van de security worden we vervolgens naar de douane en de customs gereden. Bij deze laatste zijn we helaas 2 uur bezig geweest omdat het hen niet lukt onze gegevens correct in het systeem te zetten. Marlies van de Ocean Goose heeft het invoeren na enige tijd zelfs overgenomen om er wat meer snelheid in te krijgen. Toen we eenmaal alle drie waren ingevoerd, bleken we al bekend te zijn door het inklaren op Bonaire en Curacao. Ze wisten niet hoe dit op te zoeken, verspilde tijd dus. In het donker zeilden we daarna met z'n drieën naar de ankerplaats bij Oranjestad. Om 20:00 uur lag ons anker vast in de grond en werd het tijd voor een borrel en wat te eten. Wel moest ik eerst nog even de tonijn netjes fileren, zodat deze netjes en schoon in de koelkast kon worden opgeborgen.
Onze Ikinoo voor anker op de ankerplaats van Oranjestad
Tijd om Aruba te gaan verkennen. We hebben besloten hier minimaal 10 dagen te blijven.
De volgende dagen genoten we met z’n zessen van Oranjestad, de terrasjes langs het strand, de heerlijkste gerechten die we van de tonijn, de baracuda en de dorade hadden klaar gemaakt. Het bleek namelijk dat Wijnand van de Ocean Goose onderweg ook nog twee mooie vissen had gevangen. Zo aten we dus de eerste twee dagen volop vis.
Ons strandtentje met zondagavond barbeque
Zondags zijn we met z’n allen wezen eten bij een tentje op het strand. Alleen op zondag kun je hier spareribs en kip van de barbeque bestellen. Dit hebben we dus gelijk met z'n zessen uitgeprobeerd. De gerechten waren prima voor elkaar. Voeg daaraan toe een paar lekkere biertjes en de dag kan echt niet meer stuk. Voor ons zeker het herhalen waard. Na een aantal dagen niet veel te hebben uitgevoerd, behalve dan eten, drinken, luieren, zwemmen en borrelen, huurden we met z’n zessen een auto. 
Heerlijk luieren en een beetje zwemmen
Misschien is dit niet helemaal eerlijk tegenover de dames in ons gezelschap, die elke ochtend druk bezig waren met aqua-joggen. Ik krijgt het al warm als ik er aan denk. Tijd om rond te gaan toeren met de auto, boodschappen te doen, vrienden te bezoeken, een buitenboordmotor te kopen, etc. De eerste dag reden we, zonder Sonja, alle winkels langs op zoek naar een nieuwe buitenboordmotor voor de Zwerver en een gebogen slang voor het koelsysteem van de Ocean Goose. We hadden net de slang gekocht, toen Sonja aan de telefoon hing. De Ocean Goose was op drift geraakt achter haar anker. Sonja was naar buiten gekomen om één van de ramen, voorzien van een hor, wat dicht te doen. Op dat moment lag de Ocean Goose al vlak langs de Ikinoo. Ze was direct met stootwillen aan de gang gegaan om te voorkomen dat er schade zou optreden als de Ocean Goose ons zou raken. Gelukkig dreef zij, zonder ons te raken, nog wat verder naar achteren. Nadat Sonja ons dit had verteld, keerden we de auto en reden zo snel als mogelijk terug naar de parkeerplaats bij de ankerplek. Eenmaal aan boord, bleek dat een Duits koppel de boot zag wegdrijven en op dat moment besloten hebben om met een extra anker en lijn achter de Ocean Goose aan te gaan. Gelukkig bleef hij met dit extra anker net achter de Ikinoo liggen. Zo konden Wijnand en Marlies hun schip weer veilig op een goede plek leggen. Het krabben van het anker was waarschijnlijk veroorzaakt door een motorschip, dat eerder die ochtend tegen hen aan was gedreven nadat deze motorpech had gekregen. Gelukkig is dus alles goed afgelopen. Na dit avontuur, zijn we ’s-middags nog de nieuwe buitenboordmotor voor de Zwerver gaan kopen. Aan het einde van de middag hebben we met z’n achten geborreld op de Ocean Goose en kregen de Duitsers en Sonja ieder een lekker flesje wijn als dank voor de inspanning.
Uitzicht vanaf de vuurtoren over Arashi Beache
De volgende dag zijn wij gezamenlijk met Diederik en Nicole met de auto een tour over het eiland gaan maken. Het eerste deel van onze tocht voerde ons naar de vuurtoren op het uiterste noorden van Aruba. Hier heb je een prachtig uitzicht. Helaas kun je niet naar boven de vuurtoren op. Na eerst nog even wat gedronken te hebben bij La Trattoria el Faro Blanco, een echt Italiaans restaurant onderaan de vuurtoren, zijn we gaan zwemmen en snorkelen bij Arashi Beach. Een heerlijk strand met parasols die je hier gratis kunt gebruiken. Er liggen hier prachtige rotsen onder water waar het schitterend snorkelen is. Nadat we vervolgens hadden geluncht, zijn we doorgereden naar Baby Beach in het uiterste zuiden van het eiland.
De vuurtoren op Aruba
Dit strand moet tot de top 10 behoren van de stranden op Aruba. Ons viel dit strand nogal tegen. Het strand van Arashi Beach en het strand bij onze ankerplek zijn wat ons betreft veel schoner en mooier, maar ook veel gezelliger. Zo hadden we dus een echt toeristendagje achter de rug. De laatste dag met de auto deden we nog uitgebreid boodschappen en gebruikten Wijnand en Marlies de auto om vrienden op het eiland te bezoeken. Aruba was voor ons een uiterst welkome verrassing. Het is dat er een goed weervenster aan kwam voor de oversteek naar Santa Marta in Colombia, anders waren we hier zeker nog een week gebleven. Dit eiland gaf ons een echte Caribisch gevoel, zon, zee, strand, leuke tentjes met betaalbaar eten en drinken, muziek en bijzonder vriendelijke en behulpzame mensen. Voor die zeilers die rechtstreeks van Curacao naar Colombia zijn gevaren, je hebt echt wat gemist. Voor die zeilers die nog moeten gaan, sla Aruba niet over, het is meer dan de moeite waard om dit prachtige eiland te bezoeken.
Een impressie van Aruba, het ABC-eiland dat ons het meest positief verraste



zondag 16 september 2018

Curaçao



Een terrasje in Willemstad met een prachtige muur decoratie
We houden Bonaire voor gezien en kiezen het ruime sop richting Curaçao. De voorspellingen geven een oosten wind aan van 20-26 kn, garanties voor een snelle overtocht. De afstand is nog geen 40 nm vandaag. Ik heb met Sonja afgesproken dat ik vandaag onze Ikinoo geheel solo ga varen. Het vertek vanaf een mooring maakt het hierbij wel eenvoudiger. Al snel heb ik de zeilen gehesen en zijn we onder zeil op weg. Ik heb voor de zekerheid 2 riffen in het grootzeil gezet en de Yankee er vol bijgedraaid. Ik krijg gelijk 24 kn wind te zien, wat echter helaas ook direct de laatste keer is. De gehele dag houdt de wind zich verder gedeinst en blaast ons voorwaards bij een windsnelheid van 15-18 kn, heel relaxt zeilen dus, zeker met 2 riffen erin. Eenmaal bij de ingang van de Spaanse Wateren, haal ik de zeilen weg en vaar op de motor naar binnen. Zo liggen we om 16:45 LT vast achter ons anker, ons plekje voor de komende week. Ik heb alles solo volbracht, met uitzondering van het ankeren. De volgende dag neem ik de bus naar Willemstad om hier, bij de Douane en de Immigratiedient, in te klaren.
De Pondjesbrug in Willemstad
Beide instanties liggen hemelsbreed niet zo ver van elkaar af, echter je moet helemaal naar de Pondjesbrug (Koningin Emma brug) lopen om over het kanaal heen te kunnen. Best wel een afstand. Als eenmaal alle administratie achter de rug is en de paspoorten zijn voorzien van een stempel, wordt het tijd om terug te keren naar de Ikinoo, helaas de bus is net 5 minuten geleden vertrokken. Ik moet dus 5 kwartier wachten totdat de volgende bus gaat. Ik laat mij bij het eindpunt afzetten, omdat hier ook de AH-supermarkt zit. Bepakt met boodschappen kom ik om half zes weer terug op de Ikinoo. Zo is er dus een hele dag verlopen met inklaren en boodschappen doen. In deze week bezoek ik tevens per fiets de Curaçao Marine in Willemstad. De Zwerver ligt hier al op de wal, wat mij mooi de gelegenheid biedt de werf te bekijken. Het ziet er op het eerste oog heel profesioneel uit. We houden het voor de rest van de week rustig en genieten van het mooie weer. Wel maak ik deze week nog een beginnersfout. Wij willen de watertank graag vol houden. Daarom ga ik op zoek naar een waterkraan. Na lang zoeken vind ik deze bij een tankstation. De medewerker die hier helpt met tanken en afrekenen, waarschuwd mij dat de aansluiting net hersteld is, nadat een graafmachine de leiding gebroken had. Voor de zekerheid proef ik het water, de smaak valt mij mee. Met 100 liter water keer ik terug op de Ikinoo. Nadat we de tank hebben volgegooid, houden we nog 10 liter over. De volgende dag klaagt Sonja echter over de smaak van het water. Het is ronduit smerig. Gelukkig gaan we de volgende dag naar de marina, waar we het water kunnnen vervangen. Tijd dus om het anker op te halen en verder te zeilen naar de Curaçao Marine nabij Willemstad.
De hydraulische aanhangwagen, klaar voor onze Ikinoo
Het is geen grote afstand zodat we alleen de Yankee uitrollen. Door de harde wind gaan we hiermee mooi wel 6 kn. Eenmaal in de buurt van de Koningin Emma brug roepen we de brugwachter op en vragen hem de brug voor ons open te draaien. Een prachtig gezicht als je zo ligt te wachten. De mensen blijven gewoon op de brug staan en kijken naar de boten die naar binnen en naar buiten varen. Eemaal voorbij de brug varen we op de motor verder naar de Marina. Hier krijgen we een tijdelijke plaats aan de steiger. De volgende morgen wordt onze Ikinoo op de kant gezet. Hierbij maakt men hier gebruik van een hydraulische aanhangwagen die het water wordt ingereden.
De Ikinoo is al een klein beetje uit het water
Onder water worden de hydraulische stempels tegen de romp van de Ikinoo geplaatst. Hierna tilt men de boot een ietsje op waarna de aanhangwagen met boot en al uit het water wordt gereden. Het geeft een heel goed gevoel, veel beter dan bij het hijsen met hangbanden. Eenmaal op zijn plaats aangekomen worden er stempels geplaatst en krijgen we een water en een electra aansluitpunt toegewezen. Zo staan we dus op de kant, klaar voor het jaarlijkse onderhoud. Al pratende met de eigenaren, besluiten we het reinigen en schuren van de romp uit te besteden. Zelf maak ik de schroef en de boegschroef schoon en spuit ik de schroef weer vol met nieuw vet. Vervolgens verwijder ik alle anodes zodat ik deze kan schoonmaken.
Uit het water, klaar om naar haar standplaats vervoert te worden
Het wordt tijd om naar Nederland te gaan. Voordat we echter de deur achter ons dichttrekken, spuiten we de gehele boot goed in met een middel tegen ongedierte. Daarna sluiten we alles potdicht af. Een taxi brengt ons naar de luchthaven voor de vlucht naar Schiphol, op naar familie en vrienden.

We gaan op vakantie naar Nederland, zo voelt het voor ons tenminste. Het is voor het eerst dat wij met de KLM vliegen. Voor ons een ware openbaring, wat een service en je behoeft er niet eens voor te betalen. Wel heel wat anders dan de "service" bij de prijsvechters. We hebben een rustige vlucht en genieten van het aanbod van films, het eten en het drinken. Zo vliegt de tijd voorbij. Bij aankomst staat een van onze kinderen ons op te wachten om ons mee naar huis te nemen. Zo breekt er voor ons een periode van vier weken aan met bezoek aan familie, vrienden, voormalige werkgevers, de trombosedienst, de tandarts en de huisarts. Vooral in het begin hebben we een overvolle agenda. Hieronder, in een willekeurige volgorde, een impressie van deze vier weken.

De start
Bij mijn schoonzus stonden al meer dan 20 jaar conniferen op de erfafscheiding. Deze waren ondertussen veel te groot en te hoog geworden. Tijd dus voor een grote opknapbeurt van de tuin. Een deel van de conniferen waren reeds door een “tuinman” met een kettingzaag verwijderd. Hij had echter wel de stronken in de grond laten staan, met de smoes die rotten wel weg. De twee grootste en dikste conniferen had hij echter laten staan!? Geen professionele klus dus. Met vereende krachten zijn we met z’n vieren aan het werk gegaan. Van de twee grote conniferen hebben we eerst de wortels bloot gelegd en met een bijl gekapt.
Het eindresultaat
Hierna hebben we beide conniferen met een lang touw, welke we zo hoog mogelijk aan de stam hadden vastgemaakt, omver getrokken. De stronken moesten we echter een voor een uitgraven en met een bijl de wortels kappen, voordat we deze eruit konden krijgen. Een klus waarmee we een groot deel van de dag bezig zijn geweest. Aan het einde van de dag echter stond er een nieuwe schutting. Een paar dagen later hebben we de schutting afgemaakt en deze geverft. Het verder opknappen van de tuin doen mijn schoonzus en haar broer samen.


Heerlijk in de schaduw met z'n allen barbequen
Sonja’s zoon Roy had voor de gehele familie een barbeque georganiseerd. Achter in de tuin was voldoende schaduw om met z’n allen uit de zon te kunnen zitten. In de zon was het, met temperaturen van ruim 30°C, veel te warm. Bij de start van ons zeilavontuur, hadden we onze barbeque aan Roy over gedaan, hij bleek er nog steeds gebruik van te maken. Zo heerlijk in de schaduw is het al gauw gezellig met daarbij goed gegrild vlees, de benodigde sausjes, het stokbrood met alle andere hapjes en natuurlijk een overvloed aan drank, want dit weer maakt gewoon heel erg dorstig. Voor je het weet is de avond dan al weer voorbij. We zijn benieuwd wie het volgend jaar organiseerd.

We hadden een weekend gereserveerd voor een bezoek aan onze vrienden op de U-V steiger van de Buyshaven in Enkhuizen. Het weerzien was ronduit geweldig, soms zelfs even emotioneel, dit zijn de mensen die we het liefst dicht bij ons hebben en mee zouden willen nemen op onze reis. We hebben zo veel met elkaar gemeen en te bespreken dat twee dagen eigenlijk veel te kort is. Maar ja de meeste werken nog, dus op maandag gaan zij weer aan het werk. We waren uitgenodigd om bij Otto en Margreet op de boot te blijven slapen. Nadat we ons hadden geinstalleerd en iedereen hadden begroet en geknuffeld, werd het tijd voor de koffie en de thee. Bij Otto en Margreet is op hun Contest 48 meer dan voldoende ruimte om met z’n allen te zitten. Aan het einde van de middag verplaatsten we ons naar het verenigingsgebouwtje dat op het terrein van de jachthaven staat. Hier staan tafels, stoelen en een aantal barbeques. We waren niet de enigen met dit idee, alle tafels en barbeques waren bezet. Omdat wij een grote barbeque in gebruik hadden, deelden wij deze met een Duits echtpaar met kinderen. De hoge temperaturen nodigde uit om ’s-avonds lang buiten te blijven zitten en gezeillig te eten, te borrelen en natuurlijk het belangrijkste van alles, vele verhalen en ervaringen met elkaar te delen. Natuurlijk ontbraken ook dit jaar de sterke verhalen en de komische leermomenten niet. Zo’n avond vliegt voorbij en voor je het weet is het tijd om naar bed te gaan. De volgende dag ging het echter gewoon weer verder, dit maal echter zonder de benodigde alcoholische drankjes maar met liters koffie en thee. We hebben altijd meer dan voldoende gespreksstof met elkaar. Jammer dat de tijd zo snel gaat. Aan het einde van de middag was het helaas weer tijd om afscheid van elkaar te nemen. Misschien volgend jaar wat langer afspreken!? Helaas zijn we vergeten foto's te nemen.

John, de schipper al achter het roer, iemand moet de baas zijn
In de aanloop naar deze vakantie had ik John, de directeur van het bedrijf waar ik heb gewerkt, gemeld dat wij onze vakantie in Nederland zouden houden. Hij had mij uitgenodigd om vrijdag ’s-middags rond lunchtijd langs te komen. Voor John was het de eerste werkdag na zijn vakantie. Hij is, samen met zijn broer, de trotse eigenaar van een mooie sloep. Gezamelijk met Otto en Richard, de twee andere collega’s die gelijk met mij met pensioen zijn gegaan, en Eric, de man die mijn functie binnen het bedrijf heeft overgenomen, hebben we een prachtige tocht gemaakt over de meren en sloten in Noord-Holland.
Hier hebben we nog prachtig zonnig weer
Helaas zat het weer dit keer niet mee, we kregen een ware hoosbui met zelfs hagel over ons heen. Gelukkig was de temperatuur aan de hoge kant zodat we het niet echt koud kregen, want ik was nat tot op mijn huid. Aan het einde van de dag genoten we van een heerlijk diner in het restaurant dat bij de jachthaven was gelegen. Ook hier weer volop gespreksstof over mijn ervaringen gedurende de reis. Maar wat nog veel leuker was, waren de verhalen over hoe het met het bedrijf gaat en over de medewerkers die er nog steeds werken en de wijzigingen in de organisatie gedurende de afgelopen periode. Ook hier is zo’n middag en avond echter veel te kort om alles met elkaar te kunnen delen.
Na vier weken was het weer tijd om terug te keren naar onze boot. We moesten echter van te voren wel extra bagage bijboeken. We hadden namelijk een parasol gekocht met een doorsneden van 2,5 meter. Deze past precies in onze kuip, zodat we wat meer schaduw hebben. Tot nu toe hadden we deze in de Carieb niet kunnen vinden. Het werd dus wel en dure parasol, maar ja dat ben je zo weer vergeten als je geniet van de schaduw bij 32°C. Verder hadden we veel ingeslagen, veel spullen voor de boot, nieuwe kleding, voedsel waaraan we in de Carieb niet konden komen of alleen tegen exreem hoge prijzen, tandpasta en ga zo maar door. Elke rugzak, koffer of tas werd tot het maximale gewicht gevuld, bij elkaar zo’n 70 kg bagage. Hopelijk komt alles goed en heel aan op de plaats van bestemming. Tijd dus om terug te keren naar onze Ikinoo, ons thuis. Ook dit keer weer met de KLM, wouw wat een service, we denken dat we hieraan wel kunnen wennen, ook al kost het wat meer dan bij de prijsvechters.

Zo stond onze Ikinoo op zijn schilderbeurt te wachten
Eenmaal terug im Curaçao, begon voor ons een periode van hard werken aan onze Ikinoo. We wilde zo snel mogelijk weer het water in. Op de kant is de temperatuur overdag in de schaduw 32°C en koelt het ’s-nachts niet verder af dan 28°C. Binnen in de boot stijgen de temperaturen daardoor overdag richting de 40°C en koelt het ’s-nachts nauwelijks af. Gelukkig hadden we het vieze werk, het reinigen en schuren van de romp, overgelaten aan de mensen van de marina. Bij inspectie van de romp kwam ik wel een aantal plekjes tegen die niet geheel goed waren gedaan, deze heb ik daarom zelf verder bijgewerkt. We hebben de oude antifouling er grotendeels af laten schuren omdat we ervoor gekozen hebben een geheel nieuwe antifouling aan te brengen.
De laatste loodjes
De antifouling die we tot nu toe gebruikte, is hier nergens in de Carieb te verkrijgen. De eerste twee dagen ben ik echter eerst bezig geweest met het roer. Hier was wat corrosie onstaan waardoor de verf en alle lagen daaronder eraf moesten. Nadat ik dit, op de vier bewuste plekken, had kaal geslepen en geschuurd ben ik deze plekken opnieuw gaan opzetten. Eerst drie lagen 2-componenten epoxy primer, waarna ik het geheel weer glad kon schuren. Vervolgens een laag onderwater primer van Seajet, een primer die ook toepasbaar is  voor aluminium schepen. Hiermee heb ik, na het poetsen, ook de rest van het onderwaterschip geverfd omdat daarmee het restant van de oude antifouling goed geconcerveerd wordt. Vervolgens heb ik het bovenwaterschip grondig schoongemaakt en gepoets met harde was. Een hele zware klus bij deze temperaturen, ik voelde mij soms de “karate kid”, was erop aanbrengen, inwrijven en daarna weer uitwrijven totdat de romp je tegemoet blonk. Het eindresultaat mocht gezien worden, alsof onze Ikinoo net was gespoten. Nadat alles dus in de onderwaterprimer was geschilderd en het geheel was gedroogd, hebben we drie lagen nieuwe anti fouling aangebracht. Zoals eerder gemeld hebben we besloten een geheel nieuw systeem aan te brengen. Wij hebben daarbij gekozen voor Seajet 038 in een rode kleur.
Klaar om weer te water te gaan, ze glimt weer als een spiegel
Op Internet hadden we van deze antifouling zeer goede testresultaten gevonden. De antifouling is daarbij geschikt voor hout, polyester, staal en aluminum. Wij zijn heel benieuwd naar de resultaten, over een jaar weten we meer. Ik weet trouwens niet of Seajet ook in Nederland verkrijgbaar is en hier toegepast mag worden. Gezien de samenstelling zie ik daarvoor echter geen problemen. Nadat alle anodes weer waren gemonteerd en ook de stempels waren verplaatst zodat ook deze plekken voorzien konder worden van de onderwaterprimer en drie lagen antifouling, was het tijd om onze Ikinoo weer te water te laten. De volgende ochtend was het dan eindelijk zo ver, na negen dagen klussen ging onze Ikinoo opnieuw te water, nadat eerst de Zwerver voor ons te water was gelaten. Zo eindelijk terug in haar element, je voelt het direct aan de temperatuur in de boot, deze daalt direct tot 30°C, aanzienlijk aangenamer.

De natuur direct naast onze Ikinoo, is hij niet prachtig?
Nu moeten jullie niet denken dat we elke dag van ’s-morgens vroeg tot ’s-avonds laat aan het klussen waren. Nadat de boot in de was was gezet, beperkte de werkzaamheden zich tot de ochtend en soms een deel van de middag. De rest van de dag waren we onderweg met onze scooter. Voor de periode op Curaçao hadden wij namelijk een scooter gehuurd, een goedkoop en voldoende snel vervoermiddel op dit eiland. Hierdoor waren we heerlijk mobiel. Zo konden we Sonja’s verjaardag vieren in een uitstekend restaurant met heerlijk bereid eten en een prachtige mooie rode wijn. We bezochten een aantal keren het prachtige Mambo beach en dronken en aten aan het einde van de dag regelmatig wat op een terras in het centrum van Willemstad. Hier was een gezellig restaurant, gerund door Nederlanders, waar men goede witte wijn voor Sonja had en een heerlijk tapbiertje voor mij. Het eten was eenvoudig maar van een prima kwaliteit en soms zelfs verrassend. Zelfs bitterballen, vlammetjes en frikandelen staan op het menu, alsof je op een terras zit in Enkhuizen. We hebben dus voldoende tijd gehad om ook van de omgeving te genieten.

Uitzicht vanuit de grot richting zee
Zodra de Zwerver en de Ikinoo weer in het water lagen, besloten we nog een aantal dagen in de marina te blijven liggen. Dit in plaats van terug te zeilen naar de Spaanse wateren. Dit vonden we niet echt een aantrekkelijk idee. We besloten, samen met Diederik en Nicole van de Zwerver, voor de twee laatste dagen een auto te huren en het eiland te gaan verkennen. Zo toerden we de eerste dag naar de noordkant van het eiland en bezochten we onder andere Boka Tabla en Boka Molsi. Hier is een schitterende grot en zie je de kracht van het water.
Hier zie je de kracht van het water
De dag dat wij daar waren stond er niet echt veel wind, toch voel je de kracht van het water.  Het is prachtig om de natuur hier zo te zien. Aansluitend reden we door naar Dorp Westpunt waar we heerlijk hebben gegeten bij Jaanchie’s, een heerlijk lokaal retaurant met een verrassende keuken en bediening. De baas komt zelf bij je aan tafel zitten en vertelt je wat er die dag op het menu staat. Er is geen menukaart. Hij praat vol liefde over elk gerecht dat in de keuken wordt bereid. Elk gerecht is volgens hem voorzien van veel vitamine L, de vitamine van liefde en aandacht. Het eten is eenvoudig maar daarbij echt heel smaakvol. Een aanrader eerste klas, zeker toen we rekening kregen, hier kun je zelf niet meer voor koken.
Een schitterend vogeltje in de tuin van restaurant Jaanchie's
Onze route vervolgden we met een bezoek aan het strand van de Kleine Knip. Een heerlijk snorkelparadijs, waar het niet overlopen wordt door hordes toeristen. Op de weg terug naar onze boten, bezochten we nog even de baai van Santa Cruz, de plek waar we een paar dagen later naar toe zouden zeilen om op het anker hier te overnachten. Hierdoor wordt de tocht naar Aruba in tweeen gedeeld en zijn ze overdag goed te behappen. De volgende dag starte we gezamenlijk met het uitklaren. Dit ging dit keer heel snel, zeker omdat we nu alles met de auto deden. Bij het inklaren deed ik alles te voet. Rond koffietijd was de administratie achter de rug. Tijd om koffie te gaan drinken bij museum Kurá Hulanda.
De ingang van het museum
Dit is een museum gecombineerd met een zeer luxieus hotel, werkelijk een prachtige locatie. Na een wandeling door de straatjes van het hotel, anex museum, reden we naar een restaurant aan de kust voor een heerlijke lunch. Als afsluiting hebben we nog volop boodschappen gedaan, zodat we voorlopig weer vooruit konden. Tijd om verder te zeilen naar Aruba, het eiland dat de meeste zeilers overslaan, maar ook het eiland dat ons blij verraste.


 
Een sfeerimpressive van 2 dagen touren over het eiland


woensdag 1 augustus 2018

Bonaire


De vlag van Bonaire
Bonaire, het eerste eiland van de drie ABC-eilanden die we gaan aandoen op onze reis. Het eiland met voor ons hoogte- en dieptepunten, maar daarover later meer. Ook het eiland waar je het gevoel weer krijgt van, ik ben in Nederland. In de winkels kun je werkelijk alles krijgen wat je nodig hebt, de mensen in Nederland hebben geen idee in wat voor luxe zij leven. Ook het eiland voor duikers en mensen die van snorkelen houden, je zwemt in één groot aquarium. Maar nu eerst terug naar het begin.
Bij het verlaten van de eilandengroep Los Roques, hadden wij ervoor gekozen de overtocht ’s-nachts te maken met uitgeschakelde verlichting en met ons AIS-systeem op uitluisteren. In die stand zie je schepen met ingeschakelde AIS-transponders wel, maar zij zien jou niet. Dit alles om een veilige overtocht naar Bonaire te optimaliseren. In dit deel van het Caraïbisch gebied worden zeiljachten af en toe overvallen door snelle motorbootjes vanuit Venezuela, bittere armoede is hiervan de hoofdoorzaak. In de vroege ochtend zien we Bonaire aan de horizon verschijnen. Niet veel later passeren we de zuidpunt van Bonaire en zien we de grote kraanconstructie staan waarmee zout wordt geladen in zeeschepen. Het gaat hard nu we halve wind richting onze eindbestemming zeilen. Op een kwart mijl afstand van de ankerplaats, nemen we de zeilen weg en varen het laatste deel op de motor. Alle jachten liggen hier langs de kust aan moorings.
Onze Ikinoo op de ligplaats aan de mooring bij Bonaire
Totaal zijn er 42 moorings waarvan je, tegen betaling, gebruik kunt maken. Wij zijn naar het eerste zeiljacht toe gevaren en passeren nu alle jachten op zoek naar een vrije mooring. De Zwerver, die net iets eerder aankwam, heeft er reeds één gevonden. Ook wij hebben geluk, de één na laatste mooring is vrij. Een paar minuten later liggen we vast. Wel raakte ik tijdens deze actie onze pikhaak kwijt waardoor ik, na snel mijn kleren te hebben uitgetrokken, te water moest om hem op te halen. Zo liggen we dus vroeg in de ochtend al netjes vast en is het zweet al weer afgespoeld. Later in de week kwamen we tot ontdekking dat we veel geluk hebben gehad met het feit dat we direct een vrije mooring vonden. Veel jachten die na ons kwamen moesten soms dagen wachten in de jachthaven, voordat er een mooring vrij kwam. Door het turbulente orkaanseizoen van 2017 zien een aantal verzekeraars Grenada en St. Maarten niet meer als een veilige plek tegen orkanen. Hierdoor zijn meer jachten richting de ABC-eilanden en Trinidad vertrokken

De natuur rond Bonaire kent vele gezichten, wat te denken van deze krab
’s-Middags ga ik met onze bijboot naar de wal om in te klaren bij het douanekantoor. Als je langs de boulevard loopt en deze blijft volgen, kom je het kantoor vanzelf tegen. Onderweg ontmoet ik goede vrienden die mij de weg wijzen en mij tevens trakteren op een heerlijk schepijsje. Zo lekker heb ik het in maanden niet gegeten. Zoals te verwachten, bij een door Nederlanders gerunde organisatie, is het inklaren zeer snel geregeld zonder dat er kosten aan zijn verbonden. Nadat beide paspoorten zijn gestempeld, ga ik terug naar de Ikinoo, tijd om wat uit te rusten en de omgeving te verkennen. Een dag later heb ik voor Sonja haar fiets uit het vooronder gehaald. Zo kunnen we gezamenlijk op verkenning langs de diverse winkels. Van vrienden, die hier al bijna een maand zijn, hebben we een kaartje van het eiland gekregen waarop zij voor ons de belangrijkste bezienswaardigheden en winkels hebben aangekruist. Met een rugzak vol vers fruit en groente keerden we terug naar de Ikinoo. Wat een luxe dat ze hier een AH-winkel hebben, werkelijk alles wat je in Nederland kunt kopen is ook hier verkrijgbaar. Het verschil zit hem in de prijs, alles is hier twee keer zo duur. We zeuren niet, we zijn al lang blij met deze luxe.

Flamingo's in ruststand
Omdat onze laptop in Los Roques definitief de geest heeft gegeven, zijn we op zoek gegaan naar een bedrijf die onze PC kon nakijken. Nadat we deze hadden ingeleverd, hoorden we na twee dagen en $40,00 armer dat hij echt was overleden. De ventilator voor de koeling had het begeven waardoor de processor te heet was geworden. Het blijkt een veelvuldig voorkomend probleem te zijn bij PC’s die op zee gebruikt worden. De zilte lucht werkt hier niet echt in zijn voordeel. Tijd dus voor een nieuwe laptop. Dit keer heb ik er voor gekozen maar niet meer te investeren in een dure PC maar één van de goedkoopste aan te schaffen. Na twee jaar is de kans groot dat ook deze de geest geeft.
Onderweg op de scooter
Het volgende punt op onze lijst is de bezichtiging van het eiland. Samen met Nicole en Diederik van de Zwerver hebben we het plan opgevat om dit over twee dagen te verspreiden. Veel groter is Bonaire niet. De eerste dag met de scooter naar de zuidkant van het eiland en de tweede dag met een 4 wheel drive naar het Washington Slagbaai National Park aan de noordkant van het eiland. Voor het huren van een scooter hadden we al snel een goed adres gevonden. Bij deze winkel stonden buiten veel scooters te koop en te huur aangeboden. Ze zagen er allemaal prima onderhouden uit, dus geen oude meuk. Ook de prijzen vielen ons mee, voor $26,00 per scooter waren we een dag onder de pannen. Voor de auto zijn we wat meer bedrijven af geweest. Bij het laatste bedrijf attendeerde men ons op het gegeven dat als wij door het Washington Slagbaai National Park wilde rijden, we een 4 wheel drive moesten huren, anders kom je er niet binnen. Ook hier vielen de kosten, $58,00 voor één dag huren, ons mee. Zo was de bezichtiging van het eiland voor de komende week gepland.
Een kleine murene, helaas voor hem op het droge
De dag van het bezichtigen van de zuidkant van het eiland, stonden we om 09:00 uur al bij het scooter verhuurbedrijf. Nadat alle formaliteiten waren voldaan, stapten we op de scooter en vertrokken we richting de kustweg die ons rond de gehele zuidkant van het eiland voerde.
Een beet van zelfs een kleine murene kan lelijk aankomen
Bij
één van onze tussenstops troffen we een murene aan die, door het terugtrekkende water, de zee niet meer kon bereiken. Diederik hielp het dier door hem op te tillen en naar de zee te dragen. Als dank beet de murene in zijn hand, jammer, stank voor dank noemen we dat. Bij de volgende stop hebben we de slavenhuisjes bekeken. Deze zijn veel jonger dan de meeste mensen denken, ze zijn namelijk pas rond 1840 gebouwd voor het onderbrengen van de slaven. De meeste slaven woonden in die tijd namelijk rond Rincon, de eerste hoofdstad van dit eiland.
Slavenhuisjes langs de kust
Vanaf Rincon was het echter 10 uur lopen naar de zoutvlaktes waar de slaven te werk waren gesteld. Zodoende heeft men deze slavenhuisjes gebouwd zodat de beschikbare tijd beter benut kon worden. Ook nu nog zie je de verschillende locaties waar deze huisjes zijn gebouwd. Wij hebben een locatie bezocht waar de huisjes wit waren en een locatie waar de uisjes oranje waren. Daarnaast vind je langs deze kust vier obelisken die verschillend van kleur zijn. Elke kleur stond voor een andere kwaliteit van zeezout.
Een van de vier obelisken langs de kust
Zo konden in het verleden de schippers, die zeezout kwam halen, vanuit zee zien waar zij voor anker moesten om de door hem benodigde kwaliteit zeezout op te halen. Met kleine roeibootjes werden vervolgens de zakken met zout vanaf de kust naar de voor anker liggende schepen gebracht. Als we verder rijden komen we langs het Lac Cai, een ondiepe baai. Op een klein schiereiland tref je hier resorts en restaurants aan. Tevens is er een windsurfschool. Nadat we hier hadden geluncht, namen we nog even een “duik” in het ondiepe water. Je kunt hier vanaf het restaurant door het ondiepe water wandelen. Dit deel wordt beschermd door een rif waarachter het dus rustig en ondiep is. Als je geluk hebt zie je hier roggen zwemmen. Ook de surfschool maakt gebruik van dit ondiepe water zodat je makkelijk op je surfboard kunt stappen. Na de lunch en het pootje baden, hebben we koers gezet naar de lagune aan de oostkant van Bonaire. Dit bleek enigszins tegen te vallen.
Een van de slavenhuisjes, duidelijk is te zien dat ze niet echt groot waren. In dit huisje sliepen 10 slaven.
Op de weg terug zijn we de nieuwe laptop gaan kopen. Net voor 17:00 uur stonden beide scooters weer bij het verhuurbedrijf. Met een lekker hapje en drankje hebben we, in een restaurantje langs de boulevard, deze dag afgesloten. We hebben ons voorgenomen vaker een scooter te huren. Bij deze temperaturen is dit toch wel een fijn vervoermiddel.
Aankomst bij de rotstekeningen
Voor de auto moest Diederik eerst naar de luchthaven. De service is echter prima, hij wordt bij de steiger waar zijn bijboot ligt aangemeerd opgehaald en ’s-avonds ook weer terug gebracht. Nadat we de auto hadden opgehaald, reden we dwars door het eiland naar de oostkust van het eiland. Hier is nog een locatie waar oude grottekeningen zijn te vinden. Op zich erg interessant en mooi, om ze echter te fotograferen is het wat minder omdat men de tekeningen met tralies heeft afgeschermd.
Een deel van de rotstekeningen beschermt door tralies tegen vandalen
Aansluitend reden we naar de ingang van het Washington Slagbaai National Park. Nadat we het entreegeld hadden voldaan, ging het rustig rijdend het park in. Het park is ruim 6.000 hectare groot, te groot dus om wandelend te doen. Men heeft hier twee routes die je kunt rijden, de langste is daarbij het meest interessante van de twee omdat deze de gehele kustlijn volgt. Je rijd in bergachtig terrein met cactusbossen, alo
ëvelden, zoutmeren, zandduinen en bijzondere planten en dieren.  Onderweg troffen wij diverse malen flamigo’s aan, maar ook wilde geiten, ezels, vele soorten hagedissen en leguanen.
Een volwassen leguaan op zoek naar voedsel
Werkelijk een prachtige natuur. Toen wij er waren was het de droge tijd, veel is er dus dor en de meertjes zijn opgedroogd dan wel veel kleiner. Tijdens het regenseizoen zullen de meren zich en veranderd het landschap in een bloeiende en groene vlakte. Helaas was het bij ons droog en dor, maar dan nog steeds indrukwekkend. Aan de westkust zijn nog wat strandjes waar je heerlijk kunt snorkelen en zwemmen. Omdat het hier zo rustig is tref je hier vele vissoorten aan en mooi koraal, je kijkt je ogen uit.
Een schitterende roofvogel poseerde voor ons op de terugweg naar de uitgang van het park
Aan het einde van de middag waren we weer terug aan het begin. Hier is nog een klein museumpje waarin de geschiedenis van het park uit de doeken wordt gedaan. Dit park is zeker een aanrader voor wie Bonaire bezoekt.
Flamingo's het visitekaartje van Bonaire
De rest van de periode op Bonaire hebben we het heel rustig aan gedaan. We hebben wat kleine klusjes gedaan op onze Ikinoo, waaronder het maken van een spruit voor het ontlasten van de ankerketting. Deze spruit bevestig je om de beide kikkers aan de voorzijde van de boot en aan de ketting, waarna je wat meer ketting geeft zodat de spanning op de spruit komt te staan en de ankerlier wordt ontlast. Voor het opvangen van schokken is de spruit voorzien van een zware “snubber”. Dit bevalt ons uitstekend en is eenvoudig aan te brengen en opnieuw te verwijderen bij het verlaten van de ankerplek. Tevens hebben we, met een groep Nederlanders gezamelijk gebarbequed op de steiger en zijn we bij een restaurant wezen eten waar het op bepaalde dagen goedkoper was dan normaal, in dit geval waren alle hamburgers voor een sterk gereduceerde prijs.
De gezamenlijke barbeque op de dinky aanlegsteiger
Vooral de barbeques waren erg gezellig.
Zo hebben we nog een mooie tijd op Bonaire gehad, met vele snorkel tripjes en waarbij er elke week wel weer een Nederlands onderonsje werd geregeld. Dit was vooral voor de sociale contacten ideaal, iedere week waren er nieuwe gezichten van zeilers die waren aangekomen.  Steeds meer boten vertrokken echter ook richting Curaçao, zo ook onze vrienden met de Zwerver. Na voldoende boodschappen te hebben ingeslagen, de watertanks te hebben gevuld en alles weer te hebben opgeruimd, werd het tijd om Bonaire te verlaten. Op naar Curaçao, ons tweede eiland en het eiland waar de Ikinoo op de kant gaat voor groot onderhoud.