woensdag 1 augustus 2018

Bonaire


De vlag van Bonaire
Bonaire, het eerste eiland van de drie ABC-eilanden die we gaan aandoen op onze reis. Het eiland met voor ons hoogte- en dieptepunten, maar daarover later meer. Ook het eiland waar je het gevoel weer krijgt van, ik ben in Nederland. In de winkels kun je werkelijk alles krijgen wat je nodig hebt, de mensen in Nederland hebben geen idee in wat voor luxe zij leven. Ook het eiland voor duikers en mensen die van snorkelen houden, je zwemt in één groot aquarium. Maar nu eerst terug naar het begin.
Bij het verlaten van de eilandengroep Los Roques, hadden wij ervoor gekozen de overtocht ’s-nachts te maken met uitgeschakelde verlichting en met ons AIS-systeem op uitluisteren. In die stand zie je schepen met ingeschakelde AIS-transponders wel, maar zij zien jou niet. Dit alles om een veilige overtocht naar Bonaire te optimaliseren. In dit deel van het Caraïbisch gebied worden zeiljachten af en toe overvallen door snelle motorbootjes vanuit Venezuela, bittere armoede is hiervan de hoofdoorzaak. In de vroege ochtend zien we Bonaire aan de horizon verschijnen. Niet veel later passeren we de zuidpunt van Bonaire en zien we de grote kraanconstructie staan waarmee zout wordt geladen in zeeschepen. Het gaat hard nu we halve wind richting onze eindbestemming zeilen. Op een kwart mijl afstand van de ankerplaats, nemen we de zeilen weg en varen het laatste deel op de motor. Alle jachten liggen hier langs de kust aan moorings.
Onze Ikinoo op de ligplaats aan de mooring bij Bonaire
Totaal zijn er 42 moorings waarvan je, tegen betaling, gebruik kunt maken. Wij zijn naar het eerste zeiljacht toe gevaren en passeren nu alle jachten op zoek naar een vrije mooring. De Zwerver, die net iets eerder aankwam, heeft er reeds één gevonden. Ook wij hebben geluk, de één na laatste mooring is vrij. Een paar minuten later liggen we vast. Wel raakte ik tijdens deze actie onze pikhaak kwijt waardoor ik, na snel mijn kleren te hebben uitgetrokken, te water moest om hem op te halen. Zo liggen we dus vroeg in de ochtend al netjes vast en is het zweet al weer afgespoeld. Later in de week kwamen we tot ontdekking dat we veel geluk hebben gehad met het feit dat we direct een vrije mooring vonden. Veel jachten die na ons kwamen moesten soms dagen wachten in de jachthaven, voordat er een mooring vrij kwam. Door het turbulente orkaanseizoen van 2017 zien een aantal verzekeraars Grenada en St. Maarten niet meer als een veilige plek tegen orkanen. Hierdoor zijn meer jachten richting de ABC-eilanden en Trinidad vertrokken

De natuur rond Bonaire kent vele gezichten, wat te denken van deze krab
’s-Middags ga ik met onze bijboot naar de wal om in te klaren bij het douanekantoor. Als je langs de boulevard loopt en deze blijft volgen, kom je het kantoor vanzelf tegen. Onderweg ontmoet ik goede vrienden die mij de weg wijzen en mij tevens trakteren op een heerlijk schepijsje. Zo lekker heb ik het in maanden niet gegeten. Zoals te verwachten, bij een door Nederlanders gerunde organisatie, is het inklaren zeer snel geregeld zonder dat er kosten aan zijn verbonden. Nadat beide paspoorten zijn gestempeld, ga ik terug naar de Ikinoo, tijd om wat uit te rusten en de omgeving te verkennen. Een dag later heb ik voor Sonja haar fiets uit het vooronder gehaald. Zo kunnen we gezamenlijk op verkenning langs de diverse winkels. Van vrienden, die hier al bijna een maand zijn, hebben we een kaartje van het eiland gekregen waarop zij voor ons de belangrijkste bezienswaardigheden en winkels hebben aangekruist. Met een rugzak vol vers fruit en groente keerden we terug naar de Ikinoo. Wat een luxe dat ze hier een AH-winkel hebben, werkelijk alles wat je in Nederland kunt kopen is ook hier verkrijgbaar. Het verschil zit hem in de prijs, alles is hier twee keer zo duur. We zeuren niet, we zijn al lang blij met deze luxe.

Flamingo's in ruststand
Omdat onze laptop in Los Roques definitief de geest heeft gegeven, zijn we op zoek gegaan naar een bedrijf die onze PC kon nakijken. Nadat we deze hadden ingeleverd, hoorden we na twee dagen en $40,00 armer dat hij echt was overleden. De ventilator voor de koeling had het begeven waardoor de processor te heet was geworden. Het blijkt een veelvuldig voorkomend probleem te zijn bij PC’s die op zee gebruikt worden. De zilte lucht werkt hier niet echt in zijn voordeel. Tijd dus voor een nieuwe laptop. Dit keer heb ik er voor gekozen maar niet meer te investeren in een dure PC maar één van de goedkoopste aan te schaffen. Na twee jaar is de kans groot dat ook deze de geest geeft.
Onderweg op de scooter
Het volgende punt op onze lijst is de bezichtiging van het eiland. Samen met Nicole en Diederik van de Zwerver hebben we het plan opgevat om dit over twee dagen te verspreiden. Veel groter is Bonaire niet. De eerste dag met de scooter naar de zuidkant van het eiland en de tweede dag met een 4 wheel drive naar het Washington Slagbaai National Park aan de noordkant van het eiland. Voor het huren van een scooter hadden we al snel een goed adres gevonden. Bij deze winkel stonden buiten veel scooters te koop en te huur aangeboden. Ze zagen er allemaal prima onderhouden uit, dus geen oude meuk. Ook de prijzen vielen ons mee, voor $26,00 per scooter waren we een dag onder de pannen. Voor de auto zijn we wat meer bedrijven af geweest. Bij het laatste bedrijf attendeerde men ons op het gegeven dat als wij door het Washington Slagbaai National Park wilde rijden, we een 4 wheel drive moesten huren, anders kom je er niet binnen. Ook hier vielen de kosten, $58,00 voor één dag huren, ons mee. Zo was de bezichtiging van het eiland voor de komende week gepland.
Een kleine murene, helaas voor hem op het droge
De dag van het bezichtigen van de zuidkant van het eiland, stonden we om 09:00 uur al bij het scooter verhuurbedrijf. Nadat alle formaliteiten waren voldaan, stapten we op de scooter en vertrokken we richting de kustweg die ons rond de gehele zuidkant van het eiland voerde.
Een beet van zelfs een kleine murene kan lelijk aankomen
Bij
één van onze tussenstops troffen we een murene aan die, door het terugtrekkende water, de zee niet meer kon bereiken. Diederik hielp het dier door hem op te tillen en naar de zee te dragen. Als dank beet de murene in zijn hand, jammer, stank voor dank noemen we dat. Bij de volgende stop hebben we de slavenhuisjes bekeken. Deze zijn veel jonger dan de meeste mensen denken, ze zijn namelijk pas rond 1840 gebouwd voor het onderbrengen van de slaven. De meeste slaven woonden in die tijd namelijk rond Rincon, de eerste hoofdstad van dit eiland.
Slavenhuisjes langs de kust
Vanaf Rincon was het echter 10 uur lopen naar de zoutvlaktes waar de slaven te werk waren gesteld. Zodoende heeft men deze slavenhuisjes gebouwd zodat de beschikbare tijd beter benut kon worden. Ook nu nog zie je de verschillende locaties waar deze huisjes zijn gebouwd. Wij hebben een locatie bezocht waar de huisjes wit waren en een locatie waar de uisjes oranje waren. Daarnaast vind je langs deze kust vier obelisken die verschillend van kleur zijn. Elke kleur stond voor een andere kwaliteit van zeezout.
Een van de vier obelisken langs de kust
Zo konden in het verleden de schippers, die zeezout kwam halen, vanuit zee zien waar zij voor anker moesten om de door hem benodigde kwaliteit zeezout op te halen. Met kleine roeibootjes werden vervolgens de zakken met zout vanaf de kust naar de voor anker liggende schepen gebracht. Als we verder rijden komen we langs het Lac Cai, een ondiepe baai. Op een klein schiereiland tref je hier resorts en restaurants aan. Tevens is er een windsurfschool. Nadat we hier hadden geluncht, namen we nog even een “duik” in het ondiepe water. Je kunt hier vanaf het restaurant door het ondiepe water wandelen. Dit deel wordt beschermd door een rif waarachter het dus rustig en ondiep is. Als je geluk hebt zie je hier roggen zwemmen. Ook de surfschool maakt gebruik van dit ondiepe water zodat je makkelijk op je surfboard kunt stappen. Na de lunch en het pootje baden, hebben we koers gezet naar de lagune aan de oostkant van Bonaire. Dit bleek enigszins tegen te vallen.
Een van de slavenhuisjes, duidelijk is te zien dat ze niet echt groot waren. In dit huisje sliepen 10 slaven.
Op de weg terug zijn we de nieuwe laptop gaan kopen. Net voor 17:00 uur stonden beide scooters weer bij het verhuurbedrijf. Met een lekker hapje en drankje hebben we, in een restaurantje langs de boulevard, deze dag afgesloten. We hebben ons voorgenomen vaker een scooter te huren. Bij deze temperaturen is dit toch wel een fijn vervoermiddel.
Aankomst bij de rotstekeningen
Voor de auto moest Diederik eerst naar de luchthaven. De service is echter prima, hij wordt bij de steiger waar zijn bijboot ligt aangemeerd opgehaald en ’s-avonds ook weer terug gebracht. Nadat we de auto hadden opgehaald, reden we dwars door het eiland naar de oostkust van het eiland. Hier is nog een locatie waar oude grottekeningen zijn te vinden. Op zich erg interessant en mooi, om ze echter te fotograferen is het wat minder omdat men de tekeningen met tralies heeft afgeschermd.
Een deel van de rotstekeningen beschermt door tralies tegen vandalen
Aansluitend reden we naar de ingang van het Washington Slagbaai National Park. Nadat we het entreegeld hadden voldaan, ging het rustig rijdend het park in. Het park is ruim 6.000 hectare groot, te groot dus om wandelend te doen. Men heeft hier twee routes die je kunt rijden, de langste is daarbij het meest interessante van de twee omdat deze de gehele kustlijn volgt. Je rijd in bergachtig terrein met cactusbossen, alo
ëvelden, zoutmeren, zandduinen en bijzondere planten en dieren.  Onderweg troffen wij diverse malen flamigo’s aan, maar ook wilde geiten, ezels, vele soorten hagedissen en leguanen.
Een volwassen leguaan op zoek naar voedsel
Werkelijk een prachtige natuur. Toen wij er waren was het de droge tijd, veel is er dus dor en de meertjes zijn opgedroogd dan wel veel kleiner. Tijdens het regenseizoen zullen de meren zich en veranderd het landschap in een bloeiende en groene vlakte. Helaas was het bij ons droog en dor, maar dan nog steeds indrukwekkend. Aan de westkust zijn nog wat strandjes waar je heerlijk kunt snorkelen en zwemmen. Omdat het hier zo rustig is tref je hier vele vissoorten aan en mooi koraal, je kijkt je ogen uit.
Een schitterende roofvogel poseerde voor ons op de terugweg naar de uitgang van het park
Aan het einde van de middag waren we weer terug aan het begin. Hier is nog een klein museumpje waarin de geschiedenis van het park uit de doeken wordt gedaan. Dit park is zeker een aanrader voor wie Bonaire bezoekt.
Flamingo's het visitekaartje van Bonaire
De rest van de periode op Bonaire hebben we het heel rustig aan gedaan. We hebben wat kleine klusjes gedaan op onze Ikinoo, waaronder het maken van een spruit voor het ontlasten van de ankerketting. Deze spruit bevestig je om de beide kikkers aan de voorzijde van de boot en aan de ketting, waarna je wat meer ketting geeft zodat de spanning op de spruit komt te staan en de ankerlier wordt ontlast. Voor het opvangen van schokken is de spruit voorzien van een zware “snubber”. Dit bevalt ons uitstekend en is eenvoudig aan te brengen en opnieuw te verwijderen bij het verlaten van de ankerplek. Tevens hebben we, met een groep Nederlanders gezamelijk gebarbequed op de steiger en zijn we bij een restaurant wezen eten waar het op bepaalde dagen goedkoper was dan normaal, in dit geval waren alle hamburgers voor een sterk gereduceerde prijs.
De gezamenlijke barbeque op de dinky aanlegsteiger
Vooral de barbeques waren erg gezellig.
Zo hebben we nog een mooie tijd op Bonaire gehad, met vele snorkel tripjes en waarbij er elke week wel weer een Nederlands onderonsje werd geregeld. Dit was vooral voor de sociale contacten ideaal, iedere week waren er nieuwe gezichten van zeilers die waren aangekomen.  Steeds meer boten vertrokken echter ook richting Curaçao, zo ook onze vrienden met de Zwerver. Na voldoende boodschappen te hebben ingeslagen, de watertanks te hebben gevuld en alles weer te hebben opgeruimd, werd het tijd om Bonaire te verlaten. Op naar Curaçao, ons tweede eiland en het eiland waar de Ikinoo op de kant gaat voor groot onderhoud.

zondag 1 juli 2018

Los Roques

De grootste verrassing van dit seizoen, wauw wat een prachtig zeilgebied en wat een schitterende natuur. Los Roques is een eilandengroep welke bij Venezuela behoord. Het hoofd eiland, Gran Roque, ligt ongeveer 80 nm uit de kust van Venezuela. De eilandengroep is dan ook een geliefde plaats voor de welgestelden uit dat land. Deze komen per vliegtuigje, per helikopter of met hun eigen motorjacht. Wij zijn er met onze Ikinoo vanaf St. Lucia naar toe gezeild. Omdat Sonja van een ander Nederlands zeiljacht zeer positieve berichten had gehoord, zagen we dit als een mooie tussenstop richting de ABC-eilanden. De grote massa laat deze eilandengroep links liggen omdat het onbekende onbemind maakt en het is Venezuela. Jammer want Los Roques moet je echt gezien hebben. Wij vinden dit het mooiste plekje van het afgelopen seizoen, dus zeker niet overslaan. Hieronder de beschrijving van de eilanden die wij hebben bezocht en onze ervaringen met de meest vriendelijke mensen die we tot nu toe zijn tegen gekomen.

Overzicht over de ankerplek met 9 zeiljachten
Vanaf St. Lucia zijn wij in 2 dagen en 14 uur naar Gran Roque, het hoofdeiland van Los Roques gezeild. Bij aankomst in het donker zagen wij diverse boten voor anker liggen zodat het redelijk eenvoudig was de ankerplek te vinden. De volgende ochtend blijken we met 9 jachten voor anker te liggen. Het inklaren is wel even een dingetje, op de internet hadden we gelezen in welke volgorde we de diverse instanties moesten aflopen. Totaal moet je langs 6 verschillende adressen. De opgegeven volgorde was echter niet juist. Wat wel de goede volgorde is? Wij weten het niet, rondvraag bij anderen leverde steeds weer een ander resultaat op. Blijkbaar husselen ze elke dag de instanties in een hoge hoed door elkaar en wordt de volgorde voor die dag vastgelegd. Taak is dat je alle instanties afloopt en de benodigde stempeltjes en papieren verzameld, de volgorde maakt voor ons niets uit, het kost je gewoon 4 uur en de benodigde dollars.
Het gebouwtje van de coast guard
Tip 1: Let op, bij de coast guard hebben wij betaald, dat is echter helemaal niet gebruikelijk. Van anderen hebben wij vernomen dat zij dit hebben geweigerd en dat men dat prima vond. Het verdwijnt dus gewoon in eigen zak. Dit is tijdens ons bezoek echt het enige minpuntje geweest wat wij hebben ervaren.
Tip 2: Het hele gebied is een beschermd natuurgebied waarvoor je moet betalen om er te mogen zijn en te varen. De kosten hiervoor worden je berekend in de plaatselijk munteenheid, de Venezolaanse Bolivar. Ze vinden het prima als je in dollars betaald.
De surfshop annex bar waar men je graag helpt met betalen
Doe dit echter niet, je krijgt een hele slechte wisselkoers. Er tegenover is een surfshop, annex bar, die graag voor jou betaald in Bolivar. Je betaald hen dan terug in dollars. Ondanks dat de wisselkoers dan nog niet optimaal is, scheelt echt tientallen dollars. Tot zo ver het inklaren.
Tip 3: Wat betreft het boodschappen doen. Op het hoofdeiland vind je echt alles wat je nodig hebt voor de eerste levensbehoeften. Verse groenten en fruit vind je echter nauwelijks. Let echter wel goed op. Elke vrijdag komt er een schip aan met nieuwe goederen en vers eten. Het is dus opletten geblazen.
De enige locale supermercado met de steekwagentes waarmee een ieder
hier rondrijd om zijn boodschappen te verzamelen en gasttanks te vervoeren
Als de boot vroeg komt, liggen de verse artikelen ’s-middags al in de supermercado. Is hij echter laat, zorg dan dat je zaterdag vroeg bij de winkel bent anders zijn de voorraden voor die week al weer op. Boodschappen doen is echt een hele leuke ervaring, iedereen doet zijn inkopen voor die week, dus ook de eigenaren van de locale posada's. Wij hadden het geluk dat een dame, die achter ons in de rij stond, onze boodschappen in Bolivars wilde betalen. Na een optelsommetje en omrekening moesten wij haar
$ 1,46 betalen voor een grote zak vol met fruit en groenten, onze voorraden voor een hele week. We hebben haar $ 2,00 gegeven omdat we geen kleingeld hadden. Zo is het een echte win-win situatie.
Ons tafeltje voor het diner op het strand
In Gran Roque vind je overal restaurantjes, souvenier winkeltjes en natuurlijk surf- en kitsshops. Dat laatste wordt hier heel veel gedaan. Wij spraken Duitsers die speciaal voor het kite-surfen hier naar toe waren gekomen. Het hoofdeiland heeft een vliegveld voor de verbinding met het vasteland. Elke dag komen en gaan er diverse kleine vliegtuigjes. Op jaarbasis komen er ongeveer 54.000 toeristen. Er zijn dan ook voldoende lodges om al die mensen te huisvesten. Wij hebben er diverse van binnen gezien. De een is nog mooier dan de ander. Bij één posada kregen we zelfs een gratis glas meloensap aangeboden en mochten we gebruik maken van hun Wifi netwerk. Voor Wifi ben je hier namelijk afhankelijk van de restaurantjes, er is verder geen mogelijkheid om zelf een abonnement af te sluiten.
Uitzicht over Gran Roque met het enige dorpje

Vanaf het hoofdeiland gaan er elke dag taxiboten naar de andere eilanden. Dus veel toeristen zie je ’s-morgens met een watertaxi vertrekken voor het kite-surfen, of om te duiken of om zomaar ergens anders te zwemmen en te zonnen. Het eiland is overdag dan ook verlaten. Aan het einde van de dag keert iedereen weer terug. ’s-Avonds is het dan ook gezellig bij alle restaurantjes en barretjes.

De vuurtoren naar Nederlands ontwerp
Ook biedt het eiland de mogelijkheid tot het maken van een leuke wandeling. Er is een wandelpad naar een van de heuvels op het eiland, vanwaar je een schitterend uitzicht hebt over het eiland en de andere eilanden, mits het zicht goed is natuurlijk. Op één van die heuvels staat zelfs een heuse vuurtoren die momenteel gerestaureerd wordt. De vuurtoren is van een Nederlandse ontwerper en is hier in de 19e eeuw gebouwd. Wat wij ervan zagen is dat de restauratie waarschijnlijk al vele jaren onderweg was en het ook nog wel enige tijd zal duren voordat deze weer operationeel is. De stellage er omheen was zwaar verroest, zo niet levensgevaarlijk. Men was bezig deze heel voorzichtig uit elkaar te halen.
Na enkele dagen te hebben doorgebracht op het hoofdeiland zijn wij op de motor naar het volgende eiland gevaren, een afstand van zo’n 2-3 nm. Het eiland Francisky is onbewoond. Wel is er een klein restaurantje wat sommige dagen open is voor de lunch. Toen wij aankwamen was men net gesloten en bezig alles schoon te maken en op te ruimen.
Het restaurantje op Francisky
Ook het argument dat wij helemaal vanuit Nederland waren komen zeilen om hier een biertje te drinken kon hen niet vermurwen. Ook de volgende dag bleef het gesloten, waarschijnlijk waren er die dag te weinig toeristen die het eilandje bezochten. Francisky is een atol waarbij je om op de ankerplek te komen je een zeer smalle passage met een maximale diepte van 3,2 meter moet passeren. Links en rechts bevindt zich het koraalrif. Wij deden dit op het oog omdat we de elektronische kaart niet vertrouwde. Toen we eenmaal binnen waren bleek de track rakelings langs een ondiepte te gaan. Dus eyeball navigatie is hier een must. Als je eenmaal binnen bent vaar je naar het strand toe, gooit je anker uit en je ligt in het paradijs. Wij zijn hier een aantal dagen gebleven omdat we er geen genoeg van konden krijgen.
De Ikinoo voor anker bij Crasky
Het volgende eilandje wat we bezochten was Crasky, een lang gerekt eiland met schitterende zandstranden. Hier lagen we met 4 boten, waarvan er de volgende ochtend direct al één vertrokken was. Vooral de motorjachten worden hier veel gebruikt om mee te vissen of als verblijfplaats gedurende de vakantie op de eilanden. De meeste zijn dan ook huur of charter schepen. De ankerplaats van Crasky is heel erg open zonder obstakels onder water. Je vaart naar het strand toe totdat je 3-4 meter water hebt en gooit daar je anker uit. Om naar het strand te gaan heb je dan wel je dinky nodig.
De beide dinky's op het strand van het eiland Crasky
Op het strand aangekomen troffen wij een zonnetent aan met ligbedden en spullen om op het strand een spelletje te doen. Echter geen beheerder of iets dergelijks, helemaal niemand hebben wij gezien. Wel zijn de vogels hier brutaal, ze maken met enige regelmaat gebruik van onze dinky, met als gevolg dat je deze een aantal keren per week moet schoonmaken.







Bezoek van een schitterende meeuw
Op de weerkaart die wij via de SSB hebben binnen gehaald, zien we dat het weer over een aantal dagen gaat veranderen, er komt veel wind aan. Wij besluiten dan ook dat wij nog naar het eilandje Lanky gaan en de andere eilanden over te slaan. Met alleen de Yankee op zeilen we rustig met 4-5 kn naar onze volgende bestemming. Lanky is opnieuw een atol met een smalle maar wel wat dieper ingang. Eenmaal binnen het atol, varen we naar het strand toe en gooien ons anker uit in 6 meter water. Wij hebben de dinky achter onze Ikinoo aan gesleept, zodat het een kwestie is van de spullen om te snorkelen pakken en naar de ondieper gedeeltes varen om daar te kunnen snorkelen. Als we éénmaal in het water liggen worden we omringt door een school vissen met een grootte van 40-60 cm. Enkele honderden zwemmen er om ons heen, heel indrukwekkend, vooral ook omdat ze niet bang voor ons zijn en dus heel dichtbij komen. We liggen hier met opnieuw 4 boten. De volgende dag blijven wij hier liggen omdat we om 17:00 uur LT vertrekken naar Bonaire. De overige eilandjes laten we helaas links liggen omdat het weer veranderd. Aan het einde van de middag komt er nog een vissersbootje langs met de vraag of dat we koekjes hebben. Wij hebben nog een geruime voorraad zodat we besluiten hun een pak met 2 rollen biscuit te geven. Ze zijn ons heel dankbaar. Als we hen vervolgens ook nog een pakje sigaretten geven kan hun dag niet meer kapot. Ze ragen of dat wij verse vis willen hebben. Wij bedanken hiervoor omdat we de komende nacht naar Bonaire zeilen en we de vis niet lang kunnen bewaren bij deze temperaturen.
De Ikinoo en de Zwerver gebroedelijk naast elkaar op mooie een ankerplek
We hebben wat tijd om de indrukken van de afgelopen dagen te verwerken, hoe mooi waren al die eilanden en er zijn er nog diverse om te ontdekken. Wie weet volgende seizoen.Dan is het zo ver, om 17:00 uur halen wij het anker op, hijsen de zeilen en gaan op weg naar Bonaire. Op advies van eerdere zeilers hebben wij, in verband met mogelijke piraterij, deze keer ons AIS-systeem op uitluisteren staan. Wij zien anderen dus wel, maar zij zien ons niet. Tevens laten we gedurende de gehele nacht de navigatieverlichting uit. Beter voorkomen dan genezen is het advies. We zeilen met 2 riffen in het zeil en de kotterfok te loeferd, dat is de eerste keer dat we deze zeilvoering voeren. Vooral gedurende de nacht wordt er wind tot 30 kn voorspeld. Omdat wij geen zin hebben om gedurende de nacht de zeilvoering aan te passen varen we dus heel behoudend. De snelheid blijft echter continu tussen de 6-8 kn, wat wil een mens nog meer. Nadat we bij Bonaire het zuidelijke Lacre Punt zijn gepasseerd, verleggen we onze koers naar het noordwesten. Met de verrekijker zien we diverse schepen al aan de moorings liggen. Nadat we de zeilen hebben gestreken zoeken wij een vrije mooring. Wij varen alle zeilschepen langs en vinden uiteindelijk een vrije mooring, de
één naar laatste van de 42 geplaatste moorings. De wind gedurende de nacht is ons meegevallen, we zijn niet boven de 28 kn uitgekomen. Tijd om Bonaire te gaan verkennen en om in te klaren.

Een impressive van Los Roques
Los Roques is ons prima bevallen en is zeker een aanrader voor die mensen die vanuit de Caribische archipel naar de ABC-eilanden varen om daar het orkaan seizoen door te brengen. Bij ons staat dit bezoek heel hoog in de favoriete bestemmingen.

zaterdag 2 juni 2018

Naar Los Roques dag 3

Als ik uit mijn 2e slaapperiode wakker wordt, een onrustige periode omdat ik tot twee keer toe mijn bed uit moest om de Ikinoo weer op koers te brengen, begint de wind wat af te nemen naar 18-22 kn. We bespreken gezamenlijk wat de strategie wordt voor de komende 24 uur. Gaan we op de rem staan zodat we donderdagmorgen bij daglicht aankomen of laten we de Ikinoo gaan en komen we in het donker aan. We kiezen voor het laatste, mede omdat het volle maan is en de ankerplek open en goed bereikbaar is. Het blijft prachtig zeilweer deze dag. De voorspelling dat in de loop van de middag de wind verder zou toenemen naar 28 kn komt niet helemaal uit. De wind komt niet verder dan vlagen tot 25 kn. Als het donker wordt komt na verloop van tijd de maan op, er zijn geen wolken zodat we een uitstekend zicht hebben. Pas heel laat zie je de archipel voor je opdoemen omdat er weinig achtergrondverlichting is en de maan nog in onze rug staat. Zo varen we in het donker bij volle maan aan de noordzijde van het eiland Gran Roque voorbij. Eenmaal voorbij het eiland wijzigen we de koers naar het zuidoosten richting onze ankerplek. Als snel ziet Sonja de ankerlichten van ander boten voor ons opdoemen. We sluiten aan en gooien ons anker uit op een diepte van 5 meter. We liggen direct bij de eerste poging al zo vast als een huis. Tijd voor ons ankerbiertje.

Positie : 11°56.852' N 066°40.987' W
Tijd : 23:00 UTC
Dag afstand : 97 Nm
Nog te varen : 0 Nm

woensdag 30 mei 2018

Naar Los Roques dag 2

Voor het eerst weer een verhaal geschreven voor ons blog en deze verstuurd per SSB-radio, zie dag 1. Ik ben altijd weer blij als alle techniek aan boord werkt en doet waarvoor het bedoeld is. Vanmorgen eerst gezamenlijk thee en koffie gedronken waarbij ik ook mijn ontbijt nuttig. Sonja heeft dit al achter haar kiezen omdat zij al vanaf 06:00 uur LT wakker is Na het eten en de benodigde administratie, gooi ik de hengel uit. Het wordt tijd dat er vis op het menu komt te staan. Het is wat lastig vissen omdat er continu van die grote velden met zeeplanten komt langsdrijven. Toch maar eens uitzoeken waar deze vandaan komen en hoe ze heten. Ook de windvaan vraagt vandaag weer de benodigde aandacht omdat er troep achter het blad blijft hangen. We hebben de gehele dag een mooie wind staan die langzaam maar zeker iets toeneemt De wind is nu continu tussen de 16-22 kn. Dan opeens begint de molen te ratelen, we hebben beet. Snel pak ik de hengel, sla de vis aan en begin het gevecht om hem binnen te halen. Het is een mooie Dorade, helaas lukt het mij niet om hem naast de boot te krijgen. Op het laatste moment weet hij zich los te maken. Zouden de haken te klein zijn? Nog geen paar uur later gebeurd het zelfde nog een keer. Vis wordt voor vandaag van het menu geschrapt. Het wordt voor de tweede dag op rij hutspot met gebakken spekjes, ook heel erg lekker. In de loop van de avond neemt de wind verder toe, de meter tikt met enige regelmaat de 25 kn aan met uitschieters naar 28 kn. Tot twee keer toe besluit ik de Yankee wat te reven zodat we niet steeds in die vlagen oploeven. Al snel is het dan weer comfortabel aan boord. De nacht verloopt verder rustig, behalve dan als we door een wat grotere golf worden opgepakt en een slinger krijgen, ha, ha, ha.

Positie : 12°33.528' N 065°19.483' W
Tijd : 12:00 UTC
Dag afstand : 147 Nm
Nog te varen : 97 Nm

dinsdag 29 mei 2018

Naar Los Roques dag 1

Het is tijd om een veilig heenkomen te gaan zoeken voor het orkaanseizoen van 2018. Wij hebben dit jaar gekozen voor Curaçao als verblijfplaats. Maar voordat we daar aankomen gaan we eerst naar Los Roques, een eilandengroep onder de kust van Venezuela. Nadat we hebben uitgeklaard en terug zijn op de boot, rest ons niets anders dan een laatste controle van onze Ikinoo. Om 09:15 LT halen we het anker op en kiezen het ruime sop op weg naar Los Roques, een afstand van hemelsbreed 356 nm. Als de zeilen zijn gehesen, we plaatsen direct het 1e rif, trekt de wind direct aan tot 25 kn. Dat duurt helaas niet zo lang en reeds na 1 uur zeilen hebben we niet meer dan 5-8 kn wind. We moeten eerst uit de luwte van het eiland komen. Na een aantal uren gezeild te hebben met snelheden onder de 3 kn, komt dan eindelijk de wind. In het begin 10-14 kn, later toenemend naar 16-22 kn. Het gaat lekker. Gelukkig start de computer na verloop van tijd op zodat we hier weer gebruik van kunnen maken. Aan het einde van de middag worden we bezocht door een grote groep dolfijnen, ze blijven zeker een half uur met ons meezwemmen. Tegen de avond besluiten we het 2e rif te plaatsen, ondanks het feit dat het niet echt hard waait. We zien echter veel buien om ons heen waaruit zelfs een windhoos is waar te nemen. We hebben wel veel last van de drijvende zeeplanten. Menigmaal doet de windpilot het niet meer omdat er te veel troep aan het roerblad zit, zelfs het roerblad blijft niet verticaal staan. Zo zijn we dus de gehele dag en nacht bezig om de windpilot operationeel te houden. De nachtdiensten beginnen daardoor wat rommelig, maar als snel hebben we ons ritme van 3 uur op en 3 uur af te pakken. Het is volle maan, dus hebben we 's-nachts een heel goed zicht. Eén keer krijgen we een bui over waardoor de Ikinoo tijdelijk een andere koers vaart. Maar na een uurtje pikken we automatisch weer onze oude koers op. De nacht verloopt verder rustig met een gemiddelde snelheid van zo'n 5,0 kn.

Positie : 13°24.330' N 062°43.670' W
Tijd : 12:00 UTC
Dag afstand : 112 Nm
Nog te varen : 244 Nm

zondag 27 mei 2018

Op naar het zuiden


Op naar het zuiden, het is tijd om een goede plek met onze Ikinoo op te gaan zoeken vanwege het naderende orkaanseizoen. We hebben er voor gekozen om dit niet op het allerlaatste moment te doen. We gaan niet verder noordelijk maar zeilen terug via Guadeloupe, Ils de Saintes, Dominica, waar een Jazz festival wordt gehouden, Martinique en St. Lucia. Vanaf daar steken we over naar Los Roques in Venezuela. Maar nu eerst het verhaal tot aan de oversteek. Een verhaal van veel wind, wisselvallig weer, maar vooral van veel plezier in ons dagelijks leven.
Onze ligplaats bij Anse Deshais
De tocht van Jolly Harbour op Antigua naar Anse Deshais op de Guadeloupe is er een met een heel speciaal einde. Het was echt zo’n dag met wisselvallig weer, wind van 5-29 kn en veel buien, waarbij vooral in de buien veel wind zat. Tussen de buien door hebben we 5-18 kn wind, in de buien soms 29 kn. Eenmaal regende het zo hard dat ik werkelijk geen droge draad meer aan mijn lichaam had, gelukkig is het hier niet koud en zijn mijn kleren ook zo weer droog, dus dat geeft geen enkel probleem. Na een van die buien zakte de wind tot onder de 5 kn met daarbij nog steeds de golven van de periode met wind. We besluiten om de motor te starten, niet dus, je hoorde wel een klik maar verder helemaal niets, de startmotor doet het niet of zit vast. Na dit een aantal keren te hebben geprobeerd, bedacht ik dat ik eens had gelezen dat iemand met een hamer een klap op de startmotor had gegeven, waardoor deze daarna wel weer startte. Ik loop naar binnen om dat te gaan doen, als Sonja de startsleutel omdraait en de motor start, een vrouwenhand doet wonderen. Ik ben trots op mijn maatje. We hebben de motor bij laten staan totdat we weer voor anker lagen bij Anse Deshais. Deze baai is zeer beschut en je ligt er heerlijk rustig.
het wandelpad door en langs de beide zijden van de rivier
Omdat het erg druk is ankeren we wat naar achteren om daarna de volgende dag, als een aantal boten is vertrokken, de boot verder naar voren te brengen. Omdat Guadeloupe onder Frankrijk valt is het inklaren dus een een klusje van 5 minuten en het betalen van 3 Euro. Samen met Diederik en Nicole maak ik een wandeling in de bergen. In eerste instantie volgen we een wandelpad, waarna, als het pad is gestopt, de route verder gaat langs en door de rivierbedding. We klauteren over grote rotspartijen en springen over brede waterstroompjes. Het is geen moment saai. Constant moet je goed kijken waar de route verder gaat en soms moet je zelfs even terug als het toch niet de juiste route bleek te zijn. Wat een prachtig wandeltocht, niet ver maar wel inspannend.
De verdwaalde geit, ergens ver weg van de beschaving
Onderweg treffen we zelfs een geit aan die hier waarschijnlijk naar toe is gekomen om te sterven of om te bevallen. Hij is niet bang voor ons en blijft dus rustig liggen. Aan het einde van de route gaat het pad de helling op en kom je uit op een parkeerplaats. Vanaf daar gaat het daarna over asfalt weer terug naar het dorpje en onze dinky’s. Ook moet ik hier weer een steeds terugkerend klusje klaren, namelijk, het halen van water voor de watertank. Op onze Ikinoo hebben wij een tank van 375 liter water waarmee we ruim 30 dagen toe kunnen. Als we echt ons best doen verbruiken we slechts 6 liter per dag, naast de 3 liter die we gebruiken uit de drinkwaterflessen. Met de bijboot vaar ik een aantal keren op en neer naar de waterkraan in de lokale vissershaven. Iedere keer neem ik 90 liter water mee. Na drie keer varen is de tank weer vol, we kunnen weer enige tijd vooruit. De problemen met de startmotor hebben we niet kunnen localiseren, hij start nu weer iedere keer zoals voorheen.
De volgende tocht brengt ons naar een vertrouwd stekje bij Pointe-a-Pitre. Het zeilen langs de kust van Guadeloupe gaat prima. Onderweg meten we 32 kn wind, dat zijn dus opschieters, zodat we nog voor de middag bij Pointe du Vieux Fort zijn, het meest zuidelijke puntje van Guadeloupe. Vanaf daar is het opkruisen tegen de wind in. Ondanks dat we zo scherp mogelijk zeilen, zijn de slagen niet echt effectief. We hebben hier niet alleen de
Reparatie van de kotterfok, hier zijn we de schade nog aan het bekijken
wind tegen, maar tevens de golven en de stroming die hier altijd oost-west staat. Uiteindelijk, na 4 uur opkruisen, draait de wind in ons voordeel en wordt Pointe-a-Pitre bezeild, onze Ikinoo ruikt de stal en vliegt met 6-7 kn richting ons einddoel. Net voordat het donker wordt, liggen we voor anker. De volgende dag is het een weerzien met Edith en Ivo van de Epoxy die hier nog steeds liggen in afwachting van een goed weer plaatje om over te steken naar de Azoren. Het plan is om hier een aantal dagen te blijven en dan door te gaan naar Iles de Saintes. Door onvoorziene omstandigheden wordt het wat langer zodat we tijd hebben om weer wat te klussen. Zoals de meeste zeilers weten stopt dit nooit. Dit keer is de kotterfok aan de beurd. Een deel van de naden bij de schoothoek zijn verteerd. Zodra ik bezig ben met de reparatie, zie ik nog veel meer stukken waar de naden ontbreken. Zo ben ik twee dagen bezig met het herstellen van het zeil. We brengen onze dagen, naast het klussen, door met het huren van een auto, het doen van boodschappen, zwemmen en uit eten gaan. Daarnaast hebben we een wat groter probleem, de laptop start niet elke keer meer op. Soms wordt hij heet en start niet op. Ik vind een adres van iemand die voorstelt om de laptop in zijn geheel opnieuw in te richten. Als ik 2 dagen later terugkom is er echter niets met de laptop gebeurd, hij krijgt de laptop in zijn geheel niet eens opgestart, einde verhaal dus. Dan maar zonder PC verder.
Samen genieten van de mooie omgeving
Wat wij een groter probleem vinden is dat wij ons Blog niet kunnen bijwerken. Dat moet dan later maar weer worden ingehaald. Na een week nemen we opnieuw afscheid van Edith en Ivo en vertrekken naar Iles de Saintes, een prachtige eilanden groep tussen Guadeloupe en Dominica. Het wordt een prachtige zeiltocht met een wind tussen de 15-26 knopen. Vooral aan het einde krijgen we veel wind als er een buienlijn overtrekt waar voor de verandering eens geen regen uit komt maar wel veel wind. Dicht bij de eilanden zijn de golven wat verward, zodat het wat minder comfortabel is aan boord. Eenmaal voorbij de aanloopboei wordt het water en de wind rustiger. Na de zeilen te hebben gestreken vinden we een goede ankerplek achter het eilandje Ilet a Cabrit. Hier ankeren we op 20 meter water. Kenmerkend voor deze eilanden is, dat men alle ankerplekken, met waterdieptes tussen de 4 en de 20 meter, heeft voorzien van moorings. Dit heeft te maken met het feit dat het hier gedurende het seizoen altijd erg druk is. Met het neerleggen van moorings kunnen er meer jachten op de zelfde oppervlakte liggen. Voor een mooring moet je echter wel betalen. Wij gaan net buiten het mooring gebied voor anker, we zijn ten slotte Hollanders niet.
Passe du Sud bij Iles de Saintes
De volgende dag bezoeken we met onze dinky het hoofdeiland en maken een kleine wandeling door het dorpje. Je kunt hier goed zien dat tijdens het hoogseizoen er ook volop dagjesmensen met een ferry worden afgezet, alles is zeer toeristisch en de prijzen zijn aan de hoge kant. Na te zijn uitgeklaard, halen wij het anker op voor de etappe naar het plaatsje Roseau op Dominica. Vanaf onze ankerplek bij Ilet a Cabrit zeilen we via de Passe du Sud naar open zee. Ook vandaag staat er weer een stevige wind zodat de zeeengte naar Dominica snel wordt afgelegd. Eenmaal in de luwte van Dominica wordt de wind variabel vanuit de bergen met opnieuw, in een overtrekkende bui ,windvlagen van meer dan 33 kn. Omdat we op dat moment met maar 1 rif in het grootzeil zeilen en voor de rest alle zeilen hebben bijstaan, loopt de Ikinoo voor het eerst uit het roer, een ietsje pietsje te veel zeil dus. Aan het einde van de middag komen we aan in Roseau waar we een mooring nemen. Dit is hier wel aan te raden omdat de zeebodem hier snel afloopt naar grotere dieptes.
Ons plekje aan de mooring bij Roseau. Zoals je kunt zien is er nog steeds veel
schade zichtbaar van de orkaan Maria. Het gebouw aan de linker kant was een 
hotel en tevens de central verzamelplek voor zeilers om wat te drinken, 
te eten en te internetten. Nu is het een bouwval waar niets mee gebeurd,
We hebben een wat oudere bootboy, met een haast tandeloze mond, die ons helpt met de mooring en ons van prima informatie voorziet. De volgende ochtend komt hij met zijn boot om 09:00 uur al langszij om ons naar de douane en immigrations te brengen. Al die tijd blijft hij bij ons om het proces zo snel mogelijk te laten verlopen. Daarna neemt hij afscheid van ons en gaan wij de stad verkennen. Al snel komen we er achter dat het Jazz festival niet hier plaatsvind maar in Portsmouth, jammer, volgende keer beter. Via onze bootboy komen we de volgende dag in aanraking met een chauffeur die ons voor een redelijke prijs de gehele dag het eiland wil laten zien. Ondanks dat het eiland in september 2017 is getroffen door de orkaan Maria, waardoor veel wegen nog steeds niet begaanbaar zijn doordat deze zijn beschadigd door de grote hoeveelheid regen, weet hij voor ons een route uit te stippelen waarmee wij veel mooie dingen van het eiland kunnen zien.
Een foto impressive van onze tocht door het binnenland van Dominca, de natuur is hier werkelijk prachtig
Via een kleinen botanische tuin in Roseau trekken wij het binnenland in naar het hoogste punt van het eiland wat met de auto bereikbaar is. We rijden met de auto door de mist en de regen die ons hier omringt. We bezoeken een mooi zoetwater meer van waaruit water wordt onttrokken voor het opwekken van elektriciteit. Een groot deel van de pijpen naar de elektriciteitscentrale zijn nog van hout gemaakt. Op de weg naar beneden komen we een leuk barretje tegen waar de locals rondhangen, er muziek schettert uit de veel te grote boxen en waar we een heerlijk koud biertje drinken.
Het zuidelijkste puntje van Dominca
Aansluitend bezoeken we 2 schitterende watervallen. Via een wandelpad kunnen we tot zeer dichtbij de watervallen komen, zelfs voor Sonja is dit pad goed te doen. Tegen het einde van de middag brengt hij ons weer terug naar Roseau. Na vier dagen op Dominica te zijn gebleven, gooien we de lijnen los voor de tocht naar Anse Martin op Martinique. We zijn op tijd vertrokken zodat we voldoende tijd hebben voor de komende 48 nm. Om 12:00 LT hebben we de zeeengte tussen Dominica en Martinique als achter ons. In de luwte van het eiland kunnen we nog wel zeilen, maar echt opschieten doet het niet. We zijn de gehele dag al aan het vissen. Als we de baai van Fort de France indraaien hebben we op eens beet.
Onze eerste baracuda
Het is een kort gevecht en even later ligt er een mooie grote baracuda aan boord. Hier had ik meer vechtlust van verwacht, tonijnen zijn mijn inziens veel sterker en blijven ook tot op het laatst vechten. In de baai draait de wind ten gunste van onze koers , zodat Anse Martin op een mijl na bezeild is. De laatste mijl leggen we op de motor af, waarna om 17:00 uur LT het anker in de rond zit. Tijd dus voor het anker biertje en om de baracuda schoon te gaan maken. Voor morgenavond hebben we Nicole en Diederik van de Zwerver uitgenodigd om gezamenlijk met ons de vis op te eten. Na een goede nachtrust zeilen we al weer op tijd weg, op naar de Marigot Bay op St. Lucia, de laatste stopplaats voordat we oversteken naar Los Roques. Het is een prachtige zeiltocht met continu 18-22 kn wind en volop zon, wat wil een mens nog meer. Marigot Bay is te bezeilen zodat we al snel weer voor anker liggen. We worden begroet door de bootboy die de vorige keer onze boot aan de onderkant heeft schoon gemaakt. Nadat we de boot aan kant hebben gemaakt en ons anker biertje hebben genuttigd, wordt het tijd om de voorbereidingen te gaan treffen voor het diner. Ik bereid de Baracuda op 2 verschillende wijzen, vier grote moten gril ik op de huid in een grillpan, acht kleinere moten gaan met kruiden in een stoomzak, die de oven in gaat, dat wordt dus smullen. De moten die ik gril wrijf ik eerst in met olijfolie, waarna ik deze aan beide zijde gril zonder ze te bewegen. Ik gril ze aan beide zijde steeds zo lang dat ik aan de zijkant kan zien dat de helft gaar is.
Uitzicht op het paradijselijke strandje in de Marigot Bay
Dus niet om en om draaien of bewegen in de grillpan. Hierdoor blijft de huid knapperig en krijg je die mooie grillstrepen. Als ze klaar zijn bestrooi ik ze aan een zijde met zout en peper. Samen met de gebakken aardappelen, de gekookte groent en een verse salade hebben we een overvloedige maaltijd. Als eerste serveer ik een moot gegrilde vis, de tweede keer twee mootjes gestoomde en gekruide vis. Beide zijn verrukkelijk, waarbij mijn voorkeur echter uitgaat naar de gegrilde vis. Omdat we nog veel vis over hebben, geef ik dat de volgdende dag weg aan iemand die langs komt varen om iets te verkopen. Zelden zie je zulke blijde gezichten. De dagen daarna doen we boodschappen en genieten we nog een keer van het o zo gezellige happy hour met heerlijke cocktails. Ook bekijken we elke dag hoe het weer en de wind zich ontwikkeld. Zowel de Zwerver als de Ikinoo zijn er klaar voor. Alle tanks zijn vol en de voorraden met eten zijn weer aangevuld, tijd om te vertrekken naar Los Roques, een tocht van zo’n 360 nm. Het verslag hiervan wordt geplaatst via de SSB-radio, mits onze laptop wil opstarten. Soms start hij namelijk spontaan op, wie weet houd hij het nog even vol tot Cura
çau.


zondag 20 mei 2018

Genieten met vrienden

Onze huispelikaan, op het wrak direct achter de Ikinoo
Zoals in het  vorige bericht gemeld zijn we net aangekomen in Guadeloupe. Het was een prima zeildag, voor het eerst in lange tijd gezeild zonder een rif in het grootzeil, heerlijk met 6,0 kn richting onze bestemming Pointe-a-Pitre. Wij liggen hier achter een rif met prima ankergrond, het waait wel, maar je kunt niet alles hebben en eigenlijk is het wel lekker zo, want anders wordt het veel te heet. Om aan de wal te komen moeten we wel een stukje varen met de bijboot, maar dat is even niet anders. De activiteiten van de volgende dag bestaan uit het onderzoeken van de omgeving, dus wat je in ieder plaatsje doet waar je het anker laat vallen. Waar moeten we inklaren, waar kunnen we boodschappen doen, waar is de flappentap, waar kunnen we de was doen of wegbrengen en waar bevinden zich de leuke restaurantjes en barretjes. 
gespot tijdens de stadswandeling
Gelukkig is alles vlakbij wel zo gemakkelijk. Het inklaren gaat ook hier op zijn Frans, hetzelfde dus als in Martinique. Er is een PC waarop je de pagina oproept voor het in- en uitklaren. Je vult deze volledig in. Aan het einde, als alles ingeuld is, druk je op de knop “opslaan & printen”. Met de geprinte pagina loop je naar de kassa, je krijgt er een stempel op met een handtekening en je betaald 3 Euro voor de moeite. Binnen 10 minuten sta je weer buiten. Kunnen ze dat niet op alle eilanden zo regelen!? Droom lekker verder Sonja, dit gaat gewoon niet gebeuren, dus wen maar aan de bureaucratie van de andere eilanden. Als het inklaren achter de rug is, melden de drie meiden dat ze willen gaan winkelen zonder de mannen. Oké, de mannen gaan wel mee de stad in, maar daar scheiden onze wegen zich. De mannen gaan een stadswandeling maken. Wij spreken een tijd en plaats af wanneer en waar wij elkaar ongeveer weer terug zullen zien. Zoals altijd, als een aantal meiden gaan shoppen, hebben we natuurlijk veel te weinig tijd genomen. Wij hadden pas de helft van de winkelstraat gehad en moesten toen toch echt al terugkeren, wat jammer, maar de mannen zaten al te wachten.
In de binnenstad worden oude huisjes gerestaureerd
Onze voetjes doen toch ook wel een beetje zeer van het slenteren langs al die leuke winkeltjes. Nog even lekker met z’n zessen wezen lunchen en aansluitend weer terug naar de boot. Het was een hele leuke dag met de meiden, even weer eens lekker kunnen schoppen, dat heeft een vrouw zo op zijn tijd toch wel nodig, ja toch?  
Een mooie waterval, iets heel speciaals voor de caribische eilanden

Wij besluiten de volgende dag met zijn allen een auto te huren en het eiland te gaan verkennen. Het word een mooie tocht. Het rijden gaat prima, al moet ik zeggen dat Diederik van de Zwerver meestal rijdt, dat vinden wij prima, kun je zelf wat meer om je heen kijken. Het landschap is erg mooi, we bezoeken onderweg een mooie waterval. 
Het er naar toe lopen valt gelukkig dit keer erg mee zodat ook ik de waterval kan bekijken. Ze hebben een mooi pad aangelegd tot aan de waterval. Als we vervolgens besluiten ergens wat te gaan eten en drinken valt dat een beetje tegen, je vindt haast niets en als er wat is blijkt het gesloten te zijn. Wel een beetje vreemd vind ik, maar ja dat is de Carieb. Na de lunch hebben we de rit voortgezet en hebben aan het einde van de middag nog een klein openlucht museumpje bezocht met geologische vondsten. Hebben wij weer, begint de tour met de gids begint het daar een partij te hozen, iedereen zocht een droog onderkomen. Na de bui ging de tour weer verder. De volgende dag hebben we het wat rustiger aan gedaan. Na een niet al te lange rit zijn we bij een mooi strandje aangekomen. Lekker even zwemmen en snorkelen. Daarna lekker met elkaar gegeten en aansluitend weer terug richting boot. Voordat we daar waren aankomen, besluiten we dat wij met z’n allen nog grote boodschappen kunnen doen nu wij de auto nog hebben.
Een van de rotstekeningen
Het is een feestje als je een grote supermarkt vindt die alles heeft, dat is hier echt een luxe. Als we klaar zijn met boodschappen doen, zie ik dat een ieder aardig heeft ingekocht, het is te hopen dat het allemaal  in de auto past. Dat gaat echter lukken, maar wel met een paar boodschappentassen ook op onze schoot. Aangekomen bij de haven moet het ook nog in de bijboot en dan nog een aardig stukje varen eer dat het op je boot is. Maar alles verloopt vlotjes en een half uur na aankomst is alles weer op geruimd en netjes. Nicole en Diederik van de Zwerver vragen of dat wij een potje komen klaverjassen. Gezellig de vrouwen tegen de mannen, laat de vrouwen nu eens een keer winnen, ha, ha. Maar eerlijk is eerlijk, de mannen winnen vaker en ieder keer zeggen wij tegen elkaar, wij gaan ervoor, maar het zit ons niet echt mee. De volgende keer beter. Van een stel andere zeilers hebben we vernomen dat we vanaf Point-a-Pitre een mooie tocht kunnen maken met een snelle motorboot. Betere reclame kun je niet hebben. Al snel hebben we contact met de betreffende man en spreken we af voor twee dagen later.
Lunchen op een onbewoond eil
Op de betreffende dag worden we 's-morgens in de jachthaven opgehaald. Rustig varen we de jachthaven uit. Eenmaal buiten op het open water wordt de snelheid al gauw meer dan 30 kn, geweldig wat een ervaring. We gaan onder een tweetal bruggen door en varen dan dwars door het eiland heen naar de noordkust van Goudeloupe. Hier gaat het gas er weer op richting een onbewoond eilandje. 
Het onderwater snorkel eilandje
Ter plaatse aangekomen krijgen we allemaal een rumpunch en een ander sterk alcoholisch drankje en dat 's-morgens om 11:00 uur. Daarna is het tijd om te snorkelen, terwijl onze gids een heerlijke lunch klaarmaakt op een meegenomen barbeque. De lunch is geweldig, kerriekip, gamba's, rijst en als toetje gebakken banaan met chocolade. Dat alles wordt weggespoel met lekkere wijnen. Na afloop ruimen we alles op en vertrekken naar een wrak waar opnieuw gesnorkeld kan worden.

Vervolgens varen we naar eilandje wat net onder water licht met hierop mangrove struiken. Hier zien we roggen en barracuda's. Als afsluiting bezoeken we nog een vogeleiland.
De vogels verwelkomen ons
Helaas moeten we daarna weer terug naar de jachthaven. Deze tocht was zijn geld meer dan waard. Wij besluiten dat het weer tijd is om weer verder te gaan. Omdat het een afscheid wordt van Ivo en Edith, gaan we nog wel even met zijn zessen heerlijk uit eten. De volgende dag vertrekken wij ’s-middags om 15:00 uur LT, want wij willen, samen met de Zwerver, een nachtje doorzeilen om in Antigua te komen. Eenmaal buiten op zee staat er een lekker windje, alleen wel uit de verkeerde hoek. Na twee uurtjes aanmodderen tegen de stroming, tegen de wind en tegen de golven in, roepen wij via VHF kanaal 16 de Zwerver op. Diederik komt met het voorstel om in plaats van via de oostzijde van Guadeloupe maar via de westzijde te gaan.
Een witte reiger met jongen
Dan zit alles mee, het besluit is snel genomen, het roer gaat om, de zeilen worden gevierd en met 6 kn gaan we richting de westzijde van Guadeloupe. We krijgen nog een bui over waaruit 28 kn wind komt zodat de snelheid een aardige tijd boven de 7 kn blijft, dat schiet lekker op. Onderweg zijn een aantal goede ankerplekken zodat we een goede nachtrust kunnen hebben al vorens weer verder te zeilen. Om 23:00 uur LT liggen we voor anker bij Bouillante. Na een goede nachtrust zijn we de volgende ochtend om 07:00 uur al weer onderweg. Het is een beetje wisselvallig weer. Geen wind, wel wind, we zitten nog in de luwte van het eiland zegt Hans, straks als we het eiland voorbij zijn komt de wind vanzelf wel doorzetten.
De Zwerver onder zeil naar Antigua
Nou, dat hebben we geweten, hij kwam aardig doorzetten, vooral bij de kaap soms meer dan 28 kn ware wind. We zijn net lekker onderweg als de molen van de hengel begint te ratelen, ik riep; vis aan de lijn. Gelukkig hadden wij net de windvaan globaal ingesteld, dus ook al gaan wij even niet helemaal de goede richting op, geen probleem want de Ikinoo stuurt zichzelf. Het is altijd weer spannend, wat voor vis zit er aan de haak en krijg je hem ook echt wel binnen. Dit keer had de vis pech en wij geluk, we hadden een heerlijk tonijn aan de haak. Gelukkig konden we hem met de grote vishaak zonder veel bloedsporen binnen halen. Ik vind het toch altijd een beetje eng als Hans het mes er in zet om hem dood te maken. Dat wend nooit volgens mij, al hebben de mannen daar minder probleem mee en ja zeg nou zelf, zij moeten het tenslotte doen. Wij eten de vis alleen maar lekker op.

Aangekomen in Falmouth Harbour op Antigua zien wij de Zwerver al voor anker liggen. Zij gaan altijd wat sneller dan wij, dus liggen zij meestal al achter hun anker als wij aankomen. Maar dat vinden wij wel zo prettig, dan weten wij direct een beetje waar we kunnen gaan liggen.
English Harbour met daar achter Falmouth Harbour
Al hoewel, je moet hier wel heel goed opletten, er zijn hier veel ondieptes in de baai. En ja hoor, het is ons gelukt, wij lopen vast. Gelukkig zijn we, na flink wat gasgeven in zijn achteruit, zo weer los, maar wij schrokken wel even, het ging ook zo snel. Als het anker eenmaal in de grond zit en de Ikinoo aan kant is gemaakt, wordt het tijd voor ons welverdiende ankerbiertje. Al bij al vond ik het een pittig tochtje maar wel leuk. Hier worden de komende dagen zeilwedstrijden gehouden met klassieke zeilschepen. De ene boot is nog mooier dan de andere, je kijkt je ogen uit. Maar nu eerst inklaren in English Harbour. We leggen onze bijboot in Falmouth Harbour aan de dinkysteiger en lopen vervolgens naar English Harbour. Deze jachthaven ademt een en al de Engelse sfeer uit, de meeste gebouwen zijn prachtig gerestaureerd en hebben een nieuwe functie gekregen. Wat hier aan schepen ligt is werkelijk met geen pen te beschrijven.
Een van de gerestaureerde panden in de jachthaven
En elk schip heeft zijn personeel in een gelijk tenue gekleed. Geld speelt hier geen rol meer, lijkt het wel. Maar we kwamen hier om in te klaren en niet om bootjes te kijken. Het inklaren is echter wel een dingetje. Inklaren doe je op een PC die je door het personeel wordt toegewezen. Met onze ervaring vanuit de Franse eilanden, denken we, dat is dus zo gepiept. Niet dus, het heeft ons meer dan 2 uur gekost om in te klaren. Het begint al bij het begin, je moet alle gegevens op een PC invullen. Dat lijkt simpel, maar als de PC of het netwerk continu vastloopt gaat het wel meer tijd kosten. Uiteindelijk lukt het ons om op de PC van de dienstdoende beambte het formulier compleet ingevuld te krijgen. Daarna wordt alles geprint en moet je langs diverse loketten. Bij het laatste loket moet je natuurlijk betalen. Wat we wel ontdekken is dat je bij het uitklaren opnieuw moet betalen voor de dagen dat je voor anker hebt gelegen. Maar dan kunnen we eindelijk de jachthaven met het omliggende terrein en de gebouwen gaan bekijken. Eerlijk is eerlijk, het is een mooie haven, alles ziet er goed verzorgt uit. Als we teruglopen naar onze bijboot, doen we onderweg boodschappen en kopen een simkaartje met 5 Gb internet tegoed. ‘s-Avonds doen we met z’n vieren nog een klaverjasje. Helaas hebben de dames weer verloren. Jammer volgende keer beter. Nicole en ik blijven de moet er in houden, positief blijven denken.
Een impressive van de eerste wedstrijddag
De volgende dag beginnen de wedstrijden. Wij zeilen vandaag met de Zwerver mee langs de zijlijn van het wedstrijdveld met klassieke zeilschepen. Alle schepen zijn ingedeeld in diverse klassen. Taak is, om de jachten die meedoen aan de wedstrijd, niet in de weg te zitten. Het was een ruig tochtje maar Diederik is een wedstrijdzeiler geweest dus zeilen kan hij als de beste. Hans is ook even achter het roer gaan staan maar die zeilt toch weer anders. Moe en voldaan keren wij weer naar de Falmout Harbour terug en zoeken weer een ankerplekje. ‘s-Avonds gaan we met z’n vieren de sfeer een beetje proeven van de mensen die de wedstrijden doen. Heerlijk dat zeilwereldje. Ik denk dat je zelf wel een zeiler moet zijn om het sfeertje te kunnen begrijpen.
De speciale bewegwijzeringsboordjes
We krijgen trek dus gaan we uit eten. We vinden een leuk optrekje bij de haven en besluiten daar te gaan eten. Ik neem een pepersteak, heerlijkkkkkk. Het is ook al zo lang geleden dat ik een  goed stukje vlees heb gegeten. Meestal vind ik het eten niet echt geweldig, je betaald de hoofdprijs en het is niet lekker, dat vind ik toch jammer, want je betaald er wel voor. En dan hier, op het eiland dat de naam heeft verschrikkelijk duur te zijn, krijgen we een heerlijk stuk vlees voorgeschoteld. Bij het afrekenen valt de totale rekening ons alle vier reuze mee, gewoon Hollandse prijzen. Wij zitten op de eerste verdieping op het buitenterras en zien dat op de begane grond een band bezig is zich voor te bereiden. We besluiten wat langer te blijven zitten. Gelukkig niet voor niets, we krijgen de ene naar de andere show van diverse bands solo artiesten. Wij hebben er een prachtig uitzicht op en het klinkt nog goed ook. Moe en voldaan gaan wij weer naar de Ikinoo toe.
Tijdens de wandeling treffen we midden in de bossen
een verwaarloosde begraafplaats aan. Vele graven zijn
wel heel erg oud en staan er soms al eeuwen
We nemen nog een slaapmutsje en gaan dan lekker ons bedje in. De volgende dag gaat Hans samen met Nicole en Diederik een wandeling maken. Ik blijf lekker op de boot, ik vermaak mij wel. Ik hoor het wel hoe het was en natuurlijk de door de foto’s die Hans maakt ben ik er toch een beetje bij. We hebben nog even een klaverjasje gedaan en zijn op tijd naar bed gegaan. Als de zeilweek met klassieke schepen voorbij is, besluiten we verder te gaan zeilen naar Great Bird Island. Onderweg hebben we een beetjes regen en is het goed opletten omdat er meerdere ondieptes zijn. Maar eenmaal op de plaats van bestemming aangekomen, zijn we bijna sprakeloos, wat is het hier mooi en wat een rust, ook wel eens lekker na de hectiek van afgelopen week. We maken ons avondeten klaar en kijken, onder het genot van een glaasje wijn, nog even een filmpje en dan is de dag al weer voorbij. De volgende morgen zoeken wij onze snorkerspulletjes bij elkaar, duikelen mijn strandstoeltje op en nemen wat eten en drinken mee.
De Ikinoo voor anker bij Great Bird Island
Alles gaat in de bijboot en we varen naar het strandje toe. Hier moet je weer goed opletten waar je vaart vanwege de ondieptes en anders even je buitenboordmotor kantelen, maar alles gaat dit keer goed. Het is een prachtig strandje en heerlijk rustig. Wij hadden het strand helemaal voor ons zelf. We hebben heerlijk gesnorkeld. Aan het einde van de dag zijn we weer teruggekeerd naar onze Ikinoo. Onderweg zien we dat er een Nederlandse boot is aangekomen. Hans zegt, dat is de Agape van Rob, Connie en de twee meiden. We varen er even langs om te vragen hoe het met hen gaat.
Onze dinky op het strand van een onbewoond eiland
We worden voor de volgende dag aan het einde van de dag uitgenodigd om bij hen aan boord te komen borrelen, gezellig kunnen we even bijpraten over al onze belevenissen. ’s-Avonds doen we aan boord van de Zwerver nog een klaverjasje. De volgende morgen zijn wij wat verder weg gegaan naar de andere kant van het eiland. Het koraal is hier wat mooier en er zijn veel meer verschillende vissen, genieten doen wij hier. Maar ja aan alles komt weer een eind. Dus spullen weer in de bijboot en weer terugvaren. Aan het einde van de middag zijn we samen met Diederik en Nicole naar de Apage gevaren voor de borrel. Het blijft altijd weer leuk om te horen hoe het een ander is vergaan. En dan doel ik niet alleen op de leuke dingen maar ook op de mindere leuke dingen en wat er zo al fout kan gaan.
En hier is het eiland bekend om, we zien vele mooie vogels
Zo leer je ook weer van elkaar. En dan is het weer tijd om verder te gaan, op naar Jolly Harbour. Een leuk tochtje zeilen met alleen de yankee uitgerold. We varen dicht onder de kust zodat we de kustlijn kunnen bekijken, deze is prachtig hier. Meestal is de Zwerver eerder op het eindpunt maar nu waren wij er eerder. Onze yankee is in verhouding groter dan hun fok wat toch in snelheid scheelt. Zo heeft iedere boot wel een zeilstand die dan net wat meer snelheid uit de boot krijgt. Jolly Harbour heeft een mooie baai waar je kunt ankeren. De baai is niet al te diep met een vaargeul voor grotere schepen, het is dus wel even oppassen waar je vaart. Als het anker eenmaal in de rond zit liggen we dan ook als een huis zo vast. Wij zijn hier om uit te klaren en om vanaf hier weer verder te gaan naar het volgende eiland.
Uitzicht over de ankerplek vanaf het hoogste punt van het eiland
In tegenstelling tot English Harbour, hoef je hier niet te betalen voor het aantal dagen dat je voor anker hebt gelegen. Dit hadden wij weer van andere zeilers gehoord, dus ja ,wij blijven toch Nederlanders niet. Als het gratis kan waarom er dan voor betalen? Als we weer aan boord zijn roept Hans; kijk wie er daar ligt, de Bonnefooi. Hans let op iedere boot die hij tegenkomt en houd alles in de gaten, ha, ha, ha. Ik zeg tegen; Hans vraag even of ze een borreltje komen drinken. Hup hij de  bijboot in en roeien naar de Bonnefooi. Als hij terug is zegt hij dat wij bij hen zijn uitgenodigd omdat zij al visite hebben. Ik zeg nog tegen Hans; nee wij gaan dan niet hoor. Ja zegt Hans, Anne vroeg juist, ga Sonja even halen, gezellig. Oké ik ben om. Het was weer erg gezellig om ze te zien. De volgende dag zijn we met het lokale openbaar vervoer naar de hoofdstad van Antigua, St. Johns gereden. Wat een gezellig stad is dit, een mengelmoes van culturen en zo leuk.
Ondergaande zon op de ankerplaats van Jolly Harbour
De bus is al een heel ding, ze stoppen waar jij er uit wil. Als je langs de kant van de weg staat steek je je hand op en dan stopt hij voor jou zodat je kunt instappen. Ik vind dit echt geweldig. Daar kunnen ze in Nederland nog wat van leren. Die rijden gewoon door als je er niet op tijd staat. Op de terugweg doen wij nog wat boodschappen en gaan ‘s-avonds met de Zwerver uit eten. Weer eens een pizza gegeten, dat was erg lang geleden en dus erg lekker. Nog een aflevering van Homeland gekeken en dan ons bed in want morgen gaan wij weer verder. Op naar Guadeloupe. Je zult wel denken, maar daar zijn jullie toch al geweest. Dat klopt, we hebben besloten vanwege de voordering van het seizoen, het is al begin mei, niet verder noordwaarts te zeilen, maar terug te keren naar het zuiden tot aan St. Lucia. Vanaf daar gaan we dan via Los Roques en Bonaire naar Curaçao.