Zoals we al vermelden
in het vorige verhaal, had de maand mei nog een verrassing voor ons. Het is dit
keer wel een heel technisch verhaal, maar ook informatief voor andere zeilers die
zo veel mogelijk werkzaamheden zelf willen uitvoeren. Bijna een half jaar geleden
was accu vier overleden. Ter informatie, wij hebben zes service accu’s opgesteld
staan voor het boordnet. In het bericht "Verandering van plannen" zijn we uitgebreid op de problemen met onze accu's ingegaan. |
De oude accu's nadat deze waren gedemonteerd. Na 3 jaar en 3 maanden waren ze al aan vervanging toe. |
Omdat wij nog
vijf accu’s over hadden, wilden we nog even wachten met het vervangen van de
accu’s, tot deze maand dan. We hadden opnieuw al een aantal dagen onvoldoende
accucapaciteit om de nacht door te komen. Als we ’s-morgens wakker werden stond
de accuspanning op 11,9 Volt. De zonnepanalen, de windmolen en het laden met de
motor bracht de spanning wel omhoog, maar aan het einde van de dag liep de
spanning al heel snel terug naar 12,3 Volt of lager. Echt warm werden de accu’s
echter niet. We besloten om de Ikinoo te verplaatsen naar een ligplaats in de
jachthaven zodat we, via de walstroomaansluiting, de acculader konden gaan gebruiken.
Binnen een uur nadat we de acculader hadden ingeschakeld, roken we een
zwavellucht. Accu één was bloedheet, te heet om zelfs maar aan te raken.
Voorzichtig hebben we deze losgekoppeld. Met vier accu’s kunnen we ook nog wel een
tijdje vooruit, echter in Opua hebben we de winkels voor de materialen en de gereedschappen
voor handen die we nodig hebben om de accu’s uit te wisselen. De beslissing was
snel genomen, we kopen zes nieuwe accu’s. |
De nieuwe accu (foto van Internet). |
Laat je nooit verleiden om alleen de
defecte accu’s te vervangen, aangezien de anderen meestal ook al minder zullen
zijn. Vanaf dat moment begon de zoektocht naar nieuwe accu’s. We hebben tot nu
toe altijd normale “onderhoudsvrije” loodaccu’s geïnstalleerd. We willen echter
overstappen naar AGM-accu’s omdat deze meer laadcycli aankunnen en dus langer
meegaan. De nieuwe accu’s moesten echter wel dezelfde afmetingen hebben als de
oude, omdat deze anders niet passen in onze accubak. Via internet zochten we
naar de meest geschikte accu. Die van Victron kwam zeer goed uit de diverse
tests, maar bleken in Nieuw-Zeeland helaas niet leverbaar te zijn. Uiteindelijk
hebben we zes accu’s gekocht van het fabricaat Amp-Tech, een grote Chinese
producent van accu’s. Wij hebben gekozen voor de Deep Cycle AGM accu type
AT121000DS met een capaciteit van 120 Ah. Deze accu kan ook worden toegepast als
startaccu. Bij één van de watersportwinkels in Opua hadden ze er precies zes
staan met dezelfde productiedatum. Gezamenlijk met een van de personeelsleden
van het bedrijf, hebben we de nieuwe accu’s aan boord gebracht. Een aardig
klusje aangezien elke accu 33,5 kg weegt. |
Het nieuwe accupakket met daarop de nieuwe stukjes kabels met kabelschoenen, netjes voorzien van krimpkous en een kabelnummer. |
Omdat de oude accu’s voorzien waren
van klempolen en de nieuwe zijn voorzien van M8 schroefpolen, moest een groot
deel van de bekabeling in de accubak vervangen worden. Ook moesten een aantal
aansluitingen worden verplaatst, zodat alle accu’s gelijkmatig belast zouden
gaan worden. In de winkel waar we de kabels, de kabelschoenen, en de
krimpkousen kochten, hadden ze ook de benodigde gereedschappen hangen. Een grote
kabelschaar en een grote tang voor het monteren van de kabelschoenen. Ik mocht
ze meenemen en net zo lang gebruiken als nodig. De eerste dag zijn we bezig
geweest met het demonteren van de oude accu’s en het op lengte maken van alle
nieuwe bekabeling, het monteren van kabelschoenen, de uiteinden voorzien van
krimpkous en het coderen van elke kabel. Daarnaast moesten een aantal bestaande
kabels worden voorzien van kabelschoenen, dan wel moesten de kabelschoenen worden
vervangen. Die avond hebben we het ons gezellig gemaakt met een hapje en een wijntje bij het licht van onze olielamp en diverse kaarsjes. |
Accu 1 en 2 zijn zichtbaar, De rest van de accu's zitten onder het keukenkastje en zijn alleen vanuit het kastje zichtbaar. Duidelijk zijn de nieuwe kabels te zien. De 2 houten latten zijn als rolbeveiliging gemonteerd door het geval onze Ikinoo een keer plat slaat. |
De tweede dag hebben we de nieuwe accu’s stuk voor stuk geplaatst en
aangesloten. Aan het einde van deze dag zat alles weer netjes op zijn plaats en
konden we de hoofdschakelaars weer inschakelen. Nadat we nog twee extra kabels hadden
gemaakt voor het, in de toekomst, eventueel overbruggen van een defecte accu,
hebben we het gereedschap weer teruggebracht. Dag drie hebben we gebruikt om de
oude accu’s in te leveren bij de winkel waar we de nieuwe gekocht hadden en
voor het aanpassen van de elektrische schema’s naar de huidige stand. Dit
project, waar ik best wel tegenop zag, hebben we gezamenlijk weer tot een goed
einde gebracht. Maar ook nu geldt weer, goed gereedschap is de helft van het werk. Zo, nu genoeg gepraat over de techniek, wat hebben we nog meer
gedaan de afgelopen maand. Omdat we sinds kort de beschikking hebben over een
auto, hebben we een ritje gemaakt naar de
westkust van Nieuw-Zeeland. We zijn via de SH12 naar het plaatsje Omapere
gereden. |
De duinen vlak bij de monding naar de zee. |
Net voorbij dit plaatsje kun je een mooie korte wandeling maken naar
de monding van een soort van fjord of rivier. In dit fjord komen drie rivieren uit, de
Waihou river, de Orira river en de Mangamuka river. Daar waar het water in de
zee stroomt is het zeer turbulent. Door de ondiepte, er is een soort van
drempel bij de ingang naar zee, is het niet geschikt voor zeiljachten of
schepen met enige diepgang, Wij zagen in de verte wel waterscooters en een
vissersboot. Wat heel bijzonder aan de wandeling was, waren de diverse pollen
met riet die blauwe pluimen hadden. Ook het omliggende duinlandschap ziet er
indrukwekkend uit, de duinen zijn veel hoger dan bij ons in Nederland. Een week
later zijn we ook voor de tweede keer naar de weekendmarkt in Kirikiri gereden.
|
Deze pluimen kwamen we tegen tijdens onze wandeling. |
Opnieuw hebben we genoten van de vele leuke kraampjes en van alles wat eromheen
gebeurt. Veel kraampjes met verse groeten en fruit, het lijkt wel of iedereen
hier zijn weekinkopen doet. Half mei zijn we terug gezeild naar Whangarei, waar
we de winter weer zullen gaan doorbrengen. De Marina in Opua ligt in een rivier,
het is daarop van belang dat je je moment van vertrek goed plant, er staat
namelijk een behoorlijke stroming bij afgaand tij. Menige boot hebben we in de
problemen zien komen door de onverwachte sterke stroming. Wij kozen het moment
van doodtij om te vertrekken, dan is er haast geen stroming aanwezig. Die dag
was het prachtig weer, maar stond er helaas geen wind. |
The Cape Brett Lighthouse |
Op de motor tuften we
rustig naar onze ankerplak in de Whangamumu Harbour, de plek waar we op de
heenreis ook voor anker hadden gelegen. Na een goede nachtrust waren we alweer
vroeg uit de veren voor een tocht van 50 nm naar de Hatea River. Bij vertrek
stond er niet echte vel wind, zo’n 10 kn schuin van achteren. Na verloop van
tijd kromp de wind zodat we halve wind konden gaan varen. De wind werd
vlagerig, waarbij deze varieerde van 10 tot 20 kn. Doordat de Ikinoo wat aangroei
heeft onder de boot, wil ze niet echt snel zeilen. Na verloop van tijd neemt de
wind verder toe met vlagen tot 28 kn. We zetten het 2e rif in het
grootzeil en reven de yankee deels omdat in de vlagen onze Ikinoo uit het roer
dreigt te lopen. We schieten wel goed op met een gemiddelde snelheid van 7 kn.
|
De Whangamumu Bay met de markeringen van de beide keren dat we hier voor anker zijn gegaan. |
Het venijn zit hem vandaag in de staart. We zien Bream Head al voor ons liggen
als de wind nog verder toeneemt. De yankee is al helemaal weg en ik besluit het
3e rif in het grootzeil te zetten. Dan ineens gaat het fout, terwijl
ik het grootzeil wat laat zakken om het reefoog in te haken, slaat de val om
één van de footsteps. Ik krijg het reefoog daardoor niet ingehaakt. Ondertussen
is de wind toegenomen richting de 40 kn en kan ik het zeil niet meer hijsen.
Even later slaat ook een deel van het voorlijk van het grootzeil om één van de
footsteps, nu zit alles helemaal op slot. We draaien de kotterfok weg en starten
de motor. We maken een aantal keren een 360° rondje zodat het zeil
weer loskomt en de val weer vrij hangt. Direct laten we het grootzeil zakken,
draaien de kotterfok weer naar buiten en vervolgen onze koers. Dit was weer een
mooi leermoment, ik was gewoon te laat met reven. Wat gedurende deze periode
wel apart was, was het feit dat een passerende vissersboot bij ons in de buurt
bleef zo lang wij bezig waren met het draaien van rondjes. |
Een van de kraampjes bij de boerenmarkt in Kirikiri. Doet u mij maar als voorgerecht en hoofdgerecht de soep van de dag. |
En dat uit eigen
beweging zonder dat wij erom vroegen. Op de motor ronden we Bream Head en varen
tegen de wind in naar de ingang van de Hatea River. Een uurtje later ligt het
anker weer stevig in de grond, tijd voor een wel verdient ankerbiertje. Een
paar dagen later varen we met opkomend tij op de motor de Hatea rivier naar
boven, op weg naar onze ligplaats voor de komende winter, de Town Basin Marina.
Bij aankomst worden we verwelkomt door vrienden en direct uitgenodigd om die
avond met een ploeg zeilers hamburgers te gaan eten. We zijn nauwelijks binnen
of het “goede leven” begint al. Dat wordt dus goed oppassen dat we niet
dichtgroeien de komende maanden. De komende tijd zullen we wat minder schrijven
omdat we tot eind oktober en het nieuwe zeilseizoen hier aan de wal liggen.